Waarom Den Haag een uitzonderingspositie moet krijgen van de spreidingswet

In Den Haag horen we het steeds vaker van bewoners, ondernemers en wijkorganisaties: het kan gewoon niet meer. De druk op woningen, zorg, scholen en veiligheid is enorm. Toch blijven partijen als GroenLinks-PvdA en D66 volhouden dat een asielstop in Den Haag “niet kan”. Dat is een politieke keuze. Geen natuurwet.
Ja, er is een spreidingswet. Maar gemeenten hebben nog steeds instrumenten om hun grenzen aan te geven. Locaties moeten planologisch worden toegestaan, vergunningen moeten worden verleend en procedures kunnen worden getoetst. Met andere woorden: gemeenten zijn geen uitvoeringsloket van Den Haag.
Den Haag piept en kraakt
Den Haag is bovendien geen gemiddelde gemeente. We zijn de meest dichtbevolkte grote stad van Nederland en het absorptievermogen van onze stad is allang bereikt. We kampen met tekorten aan:
• woningen
• leraren
• agenten
• zorgpersoneel
• schoolplekken
Dat merken inwoners elke dag.
Voormalig CBS-hoofddemograaf Jan Latten waarschuwt al jaren dat de bevolkingsgroei in Nederland vooral door migratie wordt gedreven. Volgens hem kan snelle bevolkingsgroei leiden tot druk op voorzieningen, concurrentie op de woningmarkt en spanningen in de samenleving.
Zijn grootste zorg gaat over de sociale cohesie. Als demografische veranderingen te snel gaan, kunnen groepen langs elkaar heen gaan leven en kan de samenhang van de samenleving onder druk komen te staan. Dat is precies wat veel Hagenaars nu voelen.
Staatscommissie bevestigt het probleem
Ook de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050 waarschuwde dat Nederland bij ongewijzigd beleid tegen grenzen aanloopt. Meer inwoners betekent meer druk op ruimte, woningen, infrastructuur, zorg en onderwijs. Die druk voelen we in Den Haag misschien wel sterker dan waar ook.
Gemeenten kunnen wel degelijk grenzen stellen
Steeds meer gemeenten trekken daarom aan de bel. In Rotterdam klinkt hetzelfde geluid bij Leefbaar Rotterdam. Overal groeit het verzet tegen de vanzelfsprekendheid waarmee steden opvang moeten blijven organiseren.
Gemeenten zijn niet machteloos.
Een stad kan:
• vergunningen streng toetsen
• procedures benutten
• opvanglocaties beperken in omvang
• nieuwe locaties weigeren
Daarnaast is er ook een juridische route denkbaar.
Den Haag kan, eventueel samen met andere steden, onderzoeken of een uitzonderingspositie mogelijk is vanwege onze extreme bevolkingsdichtheid en de enorme druk op voorzieningen. Dat kan via politieke druk, via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en – als het moet – via de rechter.
Het is ook onwil
Laten we eerlijk zijn: het is niet alleen onmacht.
Het is ook onwil. Den Haag wil dit gewoon niet meer. Wijken zuchten onder de druk van migratie, de woningnood is gigantisch en voorzieningen raken overbelast.
Landelijke partijbelangen boven Den Haag
En dan D66.
Die roepen dat een asielstop “niet kan”. Als het erop aankomt om op te komen voor de stad, blijkt waar hun loyaliteit ligt.De Haagse lijsttrekker staat niet eens zelf op de verkiezingsborden. Daar staat het landelijke kopstuk Rob Jetten, toch ons aller minister-president. Voor de lokale D66-fractie lijkt onze stad vooral een verlengstuk van landelijk gedicteerd beleid.
Bij Hart voor Den Haag werkt het precies andersom. Ik leg aan maar één partij verantwoording af: de Haagse bevolking.
Tijd voor een uitzonderingspositie
Daarom moet Den Haag een duidelijk signaal afgeven. Onze inzet is helder:
• een uitzonderingspositie voor asielopvang in Den Haag
• een eerlijk debat over de migratiedruk op steden
• beleid dat rekening houdt met de draagkracht van wijken
Een stad die al tegen grenzen aanloopt, kan niet onbeperkt blijven opvangen.
Tot slot
Den Haag staat voor een keuze. Blijven we een stad waar landelijke partijen hun beleid opleggen, of komen we op voor onze eigen inwoners?
Als Haagse volksvertegenwoordiger heb ik één opdracht: het Haagse belang dienen.
Onze stad is de dichtstbevolkte van Nederland. De woningnood is enorm. Scholen en zorg zitten vol. Het absorptievermogen van Den Haag is bereikt.
Daarom moeten we alles doen wat mogelijk is – politiek, bestuurlijk en juridisch – om een uitzonderingspositie voor Den Haag te realiseren. Het Haagse belang moet eindelijk weer op één staan.






















































