Groningse boerenfamilie voelt zich misleid in onteigeningszaak: ‘Wij waren compleet verbijsterd’

De onteigeningszaak rond de familie Van der Veen uit Lucaswolde krijgt een nieuwe wending. De familie zegt jarenlang te hebben meegedacht over een oplossing voor hun boerenbedrijf, maar voelt zich nu misleid door de overheid. Volgens dochter Dina van der Veen werd het gezin aan het lijntje gehouden over een mogelijke vervangende boerderij. Die locatie leek een uitweg te bieden, maar werd uiteindelijk door Prolander aangekocht zonder dat de familie mocht kijken.
De zaak draait om grond in het gebied Dwarsdiep. De provincie Groningen wil daar natuur en waterberging realiseren. Daardoor dreigt het familiebedrijf van de Van der Veens te moeten verdwijnen. Het bedrijf is al zeven generaties in handen van de familie. Voor het gezin gaat het daarom niet alleen om hectares, maar om een thuis, een bedrijf en een familiegeschiedenis.
Volgens de familie is naar buiten toe het beeld ontstaan dat zij niet willen meewerken. Dina van der Veen bestrijdt dat. In een uitgebreid Facebook-bericht schrijft zij dat de familie juist meerdere keren oplossingen heeft aangedragen. “Jarenlang werd er óver ons gesproken. Nu vertellen wij óns verhaal.”
Hoop door mogelijke boerderij
De familie kreeg enige tijd geleden via via te horen dat er een boerderij in de omgeving mogelijk te koop zou komen. Eén van de broers had dat vernomen van de pachter. Voor de Van der Veens was dat belangrijk nieuws. Na jaren zoeken leek er voor het eerst een locatie in beeld te komen waar het bedrijf mogelijk kon doorgaan.
De familie trok direct aan de bel bij de gebiedscoördinator. Dat deden zij omdat eerdere opties volgens hen steeds niet werkbaar waren. Dina noemt voorbeelden: “Boerderijen zonder vergunning”, “locaties met veel te weinig landbouwgrond” en “stallen die simpelweg niet meer voldeden aan de eisen van deze tijd”.
Toch bleef het gezin naar eigen zeggen meedenken. “Omdat wij al die jaren maar één ding wilden: een eerlijke oplossing waardoor ons familiebedrijf kon blijven bestaan”, schrijft Dina.
Volgens haar legde de gebiedscoördinator contact met de eigenaar van de boerderij. Daarna kreeg de familie hoopgevende berichten. Zij zouden als eerste in aanmerking komen voor een bezichtiging. Dina citeert de toezeggingen die de familie naar eigen zeggen kreeg: “Jullie staan op plek één voor een bezichtiging.” Ook zou zijn gezegd: “Maak je niet druk.” En: “Het komt goed.”
Boerderij aangekocht, familie niet rondgeleid
Daarna bleef het volgens de familie stil. De Van der Veens bleven bellen, vragen en wachten. Volgens Dina kregen zij telkens dezelfde geruststelling van de gebiedscoördinator: “Het komt allemaal goed.” Ook zou zijn gezegd: “Geloof mij nu maar.”
Maar ondertussen gebeurde er niets. Uiteindelijk hoorde de familie via een omweg dat Prolander de boerderij inmiddels had aangekocht. Het pand stond leeg. De familie gaf opnieuw aan dat zij wilde bezichtigen.
Toen veranderde volgens Dina de toon. De familie mocht het bedrijf niet op. De reden zou asbest zijn. De gebiedscoördinator zou hebben gezegd dat een bezoek “absoluut” niet kon, omdat het gevaarlijk zou zijn.
Voor de Van der Veens voelde dat vreemd. Zij hadden de locatie zelf aangedragen. Zij waren volgens eigen zeggen direct gedupeerd door de natuur- en waterbergingsplannen. Toch mochten zij niet bekijken of deze boerderij een oplossing kon bieden. “Alsof wij bewust op afstand werden gehouden”, schrijft Dina.
Met onbekend nummer wel contact
Omdat de familie daarna opnieuw niets hoorde, probeerde vader Van der Veen zelf contact te krijgen met Prolander. Volgens Dina werd dagenlang niet opgenomen en niet teruggebeld. Daarna belde de familie met een onbekend nummer. Toen werd er volgens haar ineens wel opgenomen.
Wat vader Van der Veen toen te horen kreeg, kwam hard aan. Volgens Dina zei Prolander dat de familie helemaal nog niet aan de beurt was voor een bezichtiging. “Huh? Maar jullie komen helemaal nog niet in aanmerking voor een bezichtiging. Er zijn sowieso nog drie andere belangstellenden vóór jullie.”
De familie reageerde geschokt. “Wij waren compleet verbijsterd”, schrijft Dina. De boodschap stond haaks op wat hun eerder was verteld. Volgens de gebiedscoördinator stonden zij juist op plek één.
Later in het gesprek bleek volgens Dina nog iets anders. De drie andere belangstellenden zouden niet in dezelfde situatie zitten als de familie Van der Veen. Zij zouden niet hoeven wijken voor natuur- of waterbergingsplannen.
Dat maakt de kwestie extra pijnlijk voor het gezin. “Juist óns familiebedrijf dreigt te verdwijnen vanwege natuur- en waterbergingsplannen”, schrijft Dina. “Juist wij waren al jarenlang op zoek naar een oplossing die maar niet kwam.”
Vertrouwen verdwenen
De familie zegt dat de gang van zaken het vertrouwen in het traject ernstig heeft beschadigd. Volgens Dina voelt het alsof de familie aan het lijntje is gehouden. Zij benadrukt dat dit soort mondelinge toezeggingen en teleurstellingen vaak niet terugkomen in officiële verslagen of logboeken.
Dat is volgens de familie een groot probleem. Op papier kan een traject zorgvuldig lijken, terwijl betrokkenen zich in de praktijk niet serieus genomen voelen. De familie vreest dat precies dat nu gebeurt.
“Om dan nu in de hoek van onteigening geduwd te worden, voelt voor ons ontzettend onterecht en machteloos”, schrijft Dina. “Ons vertrouwen in dit hele traject is door deze gang van zaken compleet verdwenen.”
Volgens haar wordt ondertussen naar buiten toe wél het beeld geschetst dat de familie overal tegen is. “Terwijl wij juist meerdere keren hebben meegedacht en zelf oplossingen hebben aangedragen. Maar helaas wordt daar vanuit de andere kant niks mee gedaan.”
Achtergrond: onteigening voor natuur en waterberging
De zaak rond de familie Van der Veen speelt al langer. Provinciale Staten van Groningen stemden op 15 april in met een onteigeningsbeschikking voor het gebied Dwarsdiep. Daarmee kan landbouwgrond van de familie gedwongen worden afgenomen voor natuurontwikkeling en waterberging.
Onteigening zou volgens eerdere afspraken pas als laatste middel worden ingezet. Eerst moesten andere opties worden bekeken, zoals ruilgrond of vrijwillige verkoop. Juist daar zit volgens critici het probleem. De familie zegt dat aangedragen oplossingen niet serieus zijn opgepakt of steeds vastliepen.
Boerenorganisatie Farmers Defence Force stelde eerder dat er rond de besluitvorming belangrijke informatie is achtergehouden. Volgens FDF speelde een intern memo over 31 hectare provinciegrond een grote rol. Die grond zou niet beschikbaar zijn als ruilgrond, omdat zij nodig zou zijn als slibdepot. FDF betwijfelt of die onderbouwing klopt en wil dat het memo en bijbehorend bodemonderzoek openbaar worden gemaakt.
De organisatie sprak eerder van een “ambtelijke beerput”. Volgens FDF konden zowel de familie als Provinciale Staten niet controleren of de informatie over de grond juist was. Daardoor zou de stemming over onteigening mogelijk hebben plaatsgevonden op basis van onvolledige informatie.






















































