Orbán waarschuwt voor autoritaire Hongaarse regering en kondigt verzet aan

Viktor Orbán heeft zijn partij Fidesz opgeroepen tot vreedzaam verzet tegen de nieuwe politieke orde in Hongarije. De voormalige premier reageerde nadat onderzoekers delen van de digitale infrastructuur van Fidesz in beslag namen. De website, e-mail en andere systemen van de grootste oppositiepartij werden daardoor onbereikbaar. Orbán stelt dat zijn conservatieve partij daarmee politiek wordt uitgeschakeld.
De inval vond dinsdag 21 juli plaats in een datacentrum in Boedapest, waar de servers van Fidesz staan. Het onderzoek gaat over mogelijke onregelmatigheden bij het Nationale Culturele Fonds, het NKA. Sinds december 2024 zou ruim 17 miljard forint, ongeveer 47 miljoen euro, aan cultuursubsidies zijn verdeeld. Zes mensen zijn aangehouden of aangeklaagd en ontkennen dat zij iets verkeerd hebben gedaan.
Kinga Gál, Europarlementariër voor Fidesz en vicevoorzitter van Patriots for Europe, reageerde fel op de inval. ‘Wat er vandaag in Hongarije gebeurt, is ongekend. Aanklagers kwamen zonder voorafgaande kennisgeving naar de locatie waar de servers van Fidesz worden gehost om het volledige communicatiesysteem en de databanken van de partij in beslag te nemen.'
Volgens de vicevoorzitter is dit sinds het einde van de communistische periode in Hongarije niet eerder gebeurd. 'Zoiets is sinds de democratische transitie in 1990 niet meer gebeurd.’ Volgens Gál probeert de regering haar grootste politieke tegenstander via juridische middelen uit te schakelen. ‘Nadat het niet is gelukt om het verzet van Fidesz tegen het willekeurige bestuur van de Tisza-regering met politieke middelen te breken, gebruikt de Tisza-regering nu juridische middelen om de sterkste oppositiepartij lam te leggen. In een democratische rechtsstaat is dit onaanvaardbaar.’
Servers en gegevens meegenomen
Communicatiedirecteur Bertalan Havasi zei dat aanklagers zonder waarschuwing bij het datacentrum verschenen. Volgens hem namen zij communicatiesystemen en databanken van Fidesz mee. Voormalig minister János Lázár stelde dat de autoriteiten ook toegang wilden tot persoonsgegevens van partijaanhangers. Grondwetspecialist Zoltán Lomnici vroeg zich af waarom de volledige infrastructuur nodig was, terwijl relevante gegevens ook gekopieerd konden worden.
Orbán moest woensdag 22 juli buiten het partijgebouw een persconferentie houden. Binnen werkten de digitale systemen nog altijd niet. Hij noemde de NKA-zaak een ‘politiek geconstrueerde procedure’. Volgens hem dient het onderzoek als voorwendsel om Fidesz juridisch en praktisch te verlammen. Er is echter geen openbaar bewijs dat premier Péter Magyar of zijn partij Tisza de operatie heeft aangestuurd.
Verzet tegen grondwetswijziging
Fidesz nam een ‘verklaring van Verzet’ aan en belooft vreedzame oppositie binnen en buiten het parlement. Orbán zei: ‘Dit is een situatie waarin er noch democratie, noch rechtsstaat is.’ Volgens hem bepalen de machthebbers wie aan verkiezingen mag deelnemen. Ook zouden controle en tegenmacht zijn afgeschaft.
De woede richt zich vooral op de zeventiende wijziging van de Hongaarse grondwet. Die werd op 13 juli aangenomen met de tweederdemeerderheid van Tisza. De maatregel beëindigde de termijn van president Tamás Sulyok, beperkte parlementsleden tot twaalf jaar en stelde een maximumleeftijd van zeventig jaar in voor rechters van het Constitutionele Hof. Daardoor moet hofpresident Péter Polt vertrekken.
Sulyok ondertekende de wijziging, maar sprak van een ‘diepe wond’ voor de constitutionele democratie, de scheiding der machten en de rechtsstaat. Ook Amnesty International Hongarije, het Hongaarse Helsinki Comité en Human Rights Watch uitten kritiek. Zij wezen op de snelle behandeling, gerichte aanpassingen en het voortijdige vertrek van hoge functionarissen.
Regering verdedigt hervormingen
De regering-Magyar noemt de veranderingen onderdeel van ‘operatie Vagevuur’. Daarmee wil zij het politieke en economische netwerk rond Orbán onderzoeken en mogelijk misbruik van publiek bezit aanpakken. Tisza zegt dat de verkiezingszege in april een duidelijk mandaat gaf voor hervormingen. Magyar heeft nog geen uitgebreid antwoord gegeven op de verklaring van Fidesz.
Orbán krijgt steun van Europese bondgenoten. Marine Le Pen, leider van de grootste rechtse partij in Frankrijk Rassemblement National, sprak zich uit tegen het handelen van de regering-Magyar: ‘Schendingen van de rechtsstaat nemen toe in Hongarije, met de zegen van degenen die denken dat zij in het ‘kamp van het goede’ zitten.’ Zij vervolgde: ‘Democratie heeft echter geen kamp. Zij heeft alleen regels, die de nieuwe Hongaarse premier, beschermd door de Europese Commissie, met voeten treedt.’























































