Overheid breidt dierenheffing uit: ook betaalplicht voor imkers

De overheid brengt steeds meer diersoorten onder een betaald registratiesysteem. Sinds 2025 vallen ook bijen en hommels daaronder. Daardoor moeten professionele én hobby-imkers jaarlijks betalen voor een UBN, ook als zij maar één bijenvolk houden.
Sinds 1 januari 2025 moeten alle houders van bijen en hommels hun volken registreren bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Dat geldt niet alleen voor professionele imkers, maar ook voor hobbyisten met één bijenkast. Voor die registratie is een Uniek Bedrijfsnummer (UBN) nodig. Daar hangt een jaarlijkse heffing aan vast.
De nieuwe heffing valt in slechte aarde bij de Bijentuin in Zandvoort. 'We moeten belasting gaan betalen omdat we bijen houden. Wat een land', schrijft de organisatie op Facebook, met daarbij een foto van de belastingbrief.
Voor 2025 geldt een overgangstarief van 18,56 euro per geregistreerde locatie. Vanaf 2026 stijgt dat naar 23,02 euro. De heffing wordt per locatie betaald, niet per bijenvolk. Wie één volk heeft, betaalt dus hetzelfde als iemand met tientallen volken op dezelfde plek.
Onderdeel van Europees registratiesysteem
De regeling is geen op zichzelf staande Nederlandse maatregel. Ze vloeit voort uit de Europese diergezondheidsverordening, die lidstaten verplicht een registratiesysteem bij te houden om besmettelijke dierziekten beter te kunnen volgen en bestrijden. Nederland kende zo’n Identificatie- en Registratiesysteem (I&R) al voor onder meer runderen, schapen, geiten, varkens en pluimvee.
Sinds dit jaar zijn daar ook bijen, hommels, paarden, kameelachtigen, hertachtigen en in gevangenschap levende vogels aan toegevoegd. De overheid hanteert daarbij het uitgangspunt dat houders die profiteren van een goed werkend registratiesysteem ook meebetalen aan de kosten.
Massaal bezwaar van imkers
De nieuwe regeling stuitte op veel weerstand. Tijdens de internetconsultatie kwamen 220 reacties binnen. Daarvan waren er 217 afkomstig van bijen- en hommelhouders. Veel imkers zetten vraagtekens bij zowel de registratieplicht als de jaarlijkse heffing. De regeling ging desondanks door. Alleen het lagere overgangstarief voor 2025 bleef als tegemoetkoming overeind.
Steeds meer diersoorten
De invoering bij bijen past in een bredere ontwikkeling. Waar de I&R-heffingen jarenlang vooral golden voor landbouwhuisdieren, zijn de afgelopen jaren ook andere diergroepen onder het systeem gebracht.
Voor honden bestaat al een wettelijke chip- en registratieplicht, maar die loopt via erkende databanken en niet via een jaarlijkse RVO-heffing. Voor katten geldt momenteel geen landelijke registratieplicht en dus ook geen vergelijkbare jaarlijkse bijdrage.
Een concreet plan om ook honden- of kattenbezitters een jaarlijkse I&R-heffing op te leggen is er op dit moment niet. Wel laat de uitbreiding naar steeds meer diersoorten zien dat de kring van dierhouders die aan het registratiesysteem meebetaalt de afgelopen jaren gestaag groter is geworden.























































