Leraren Oostenrijk vrezen geweld na hoofddoekverbod: 'Straks steekt haar broer mij neer'

Oostenrijkse leraren krijgen sinds dit schooljaar de taak om een nieuw hoofddoekverbod voor meisjes tot veertien jaar te handhaven. Op sommige scholen leidt dat tot zorgen over confrontaties met familieleden van leerlingen. Een anonieme lerares uit het 15e district van Wenen zegt tegenover Junge Freiheit zelfs bang te zijn dat een conflict gewelddadig kan eindigen. 'Dan komen de oom en de neef. Of de broer. En misschien heeft hij een mes bij zich en steekt hij mij neer, omdat ik zijn zus haar islamitische hoofddoek moet laten afdoen? Ik weet het niet, de sfeer is zo opgehitst.'
De lerares werkt in een Weens district waar veel inwoners een migratieachtergrond hebben. Volgens haar ligt er niet alleen druk op de meisjes zelf, maar komen leraren daardoor ook tegenover hun families te staan. Ze vat de situatie op haar school kort samen: 'Het is een ramp.' Het Oostenrijkse parlement bevestigt dat het verbod sinds het begin van schooljaar 2026/27 geldt voor leerlingen tot hun veertiende verjaardag.
Leraren staan vooraan bij handhaving
De wet verplicht scholen om bij overtredingen stapsgewijs op te treden. Eerst moet de school met het meisje en haar ouders spreken. Bij herhaalde overtredingen wordt de onderwijsautoriteit betrokken en kunnen verdere stappen volgen. Uiteindelijk kunnen ouders een boete van 150 tot 800 euro krijgen.
In Wenen waren twee weken na de invoering al 55 zaken bij de onderwijsdirectie gemeld. Volgens de lerarenvakbond konden verschillende conflicten tijdens gesprekken worden opgelost. Er waren echter ook gevallen waarin meisjes na gesprekken met ouders en schoolleiding hun hoofddoek bleven dragen.
In Neder-Oostenrijk kwam het inmiddels tot een eerste aangifte. Een 13-jarig meisje bleef ondanks herhaalde gesprekken met een hoofddoek naar de les komen. Haar ouders werden vervolgens gemeld bij de districtsautoriteiten.
Ook politieke en juridische strijd
Het verbod is ingevoerd door de landelijke coalitie van ÖVP, SPÖ en NEOS. De regering stelt dat de maatregel meisjes moet beschermen tegen religieuze en maatschappelijke druk en hun zelfbeschikking moet versterken. De FPÖ steunde de wet eveneens, maar wilde verder gaan en ook hoofddoeken voor leraressen verbieden. De Groenen stemden tegen en noemden de maatregel discriminerend.
Tegelijk wordt het verbod juridisch aangevochten door islamitische ouders. Daarbij speelt mee dat het Oostenrijkse Constitutionele Hof in 2020 al een eerder hoofddoekverbod op basisscholen vernietigde. Tot een nieuwe rechterlijke uitspraak blijft de huidige wet echter gelden en moeten scholen deze uitvoeren.
Conflict bereikt ook kinderopvang
Dat de discussie niet alleen op scholen speelt, bleek uit een zaak bij een kinderopvang in Vorarlberg. Een islamitische medewerkster verscheen na een pelgrimsreis met een hoofddoek op haar werk. Tijdens een daaropvolgende ruzie ontblootte haar leidinggevende haar borsten en vroeg volgens mediaberichten of zij soms zo naar haar werk kwam.
De medewerkster deed aangifte. De Oostenrijkse instantie voor gelijke behandeling beoordeelde de zaak later als discriminatie en seksuele intimidatie. De kinderopvang betaalde 3.500 euro schadevergoeding en de leidinggevende verloor haar baan. Het wettelijke hoofddoekverbod gold in deze zaak niet, omdat het alleen betrekking heeft op schoolmeisjes tot veertien jaar.


















































