D66 wil abortus als mensenrecht opnemen in internationale verdragen

Op 8 september wordt in de Tweede Kamer een initiatiefnota van Wieke Paulusma (D66) besproken. De titel laat niets aan de verbeelding over: ‘Toegang tot abortus is een mensenrecht’. Het D66-voorstel wil abortus internationaal verankeren als fundamenteel recht. Voorstanders zien dit als vooruitgang, maar tegenstanders waarschuwen dat hiermee het recht op leven van ongeboren kinderen onder druk komt te staan. Kies Leven en Stirezo Pro Life zijn een petitie gestart om zich tegen de initiatiefnota uit te spreken. Deze is al ruim 8400 keer getekend.
Paulusma stelt in haar nota: ‘Toegang tot veilige abortus is een mensenrecht en het is tijd dat de Nederlandse regering dat in haar buitenlandbeleid gaat uitdragen’. Volgens haar sterven jaarlijks tienduizenden vrouwen door onveilige abortussen. Zij noemt dat ‘in feite een oorlog tegen vrouwen’.
Daarom wil D66 dat Nederland zich inzet om abortus als recht vast te leggen in de EU en bij de Verenigde Naties. De nota roept op tot een ‘sterk en verenigd geluid van de progressieve krachten in de wereld’ en stelt dat Europa een ‘progressieve vuurtoren’ moet worden.
Weerstand vanuit pro-life organisaties
Pro-life organisaties als Stirezo Pro Life en Kies Leven reageren fel. In hun verklaring staat: ‘Abortus provocatus, het opzettelijk beëindigen van het leven van een ongeboren kind, is géén mensenrecht!’ Zij voeren vijf argumenten aan om dit standpunt te onderbouwen.
Zo verwijzen zij naar de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens: ‘Het recht op leven is de basis voor alle andere rechten en daar dus bovenuit gaat.’ Ook halen zij de rechten van het kind aan: ‘Het kind heeft bijzondere bescherming en zorg nodig, zowel vóór als na zijn geboorte.’
Daarnaast wijzen zij op Nederlandse regels: een doodgeboren kind krijgt sinds 2019 een officiële registratie en een Burger Service Nummer. Ook heeft een ongeboren kind recht op erfenis indien de vader tijdens de zwangerschap overlijdt. Hun conclusie: als de staat deze rechten erkent, kan abortus geen mensenrecht zijn.
Botsende visies
De tegenstelling is duidelijk. Voor Paulusma staat de vrijheid van de vrouw centraal. In haar woorden: ‘Iedere vrouw die sterft aan een abortus, is slachtoffer van dogmatische en intolerante wetgeving en van achterhaalde denkbeelden’.
Voor de pro-life beweging gaat het juist om het ongeboren kind. Hun verklaring eindigt met: ‘Elk mensenleven is door God gewild en geliefd, Hij is de Schepper van alle leven. Daarom is het beëindigen van een onschuldig mensenleven een erge zonde.’
Het is nog niet duidelijk of de D66-initiatiefnota op een meerderheid kan rekenen in de Tweede Kamer.
Praatmee