Rechter wijst hulpverzoek Gazaanse studenten af: geen plicht voor Nederland tot uitreisbijstand

Drie Palestijnen uit de Gazastrook krijgen voorlopig geen hulp van de Nederlandse overheid om naar Nederland te reizen. Voor hen ligt een studievisum klaar, maar zij kunnen dat niet ophalen. De bestuursrechter wees hun verzoek om bijstand maandag af. De drie Gazanen beschikken over een geldig studievisum dat klaarligt op de Nederlandse ambassade in Jordanië. Zij kunnen daar niet naartoe reizen omdat zij Gaza niet zelfstandig kunnen verlaten. Daarom vroegen zij de Nederlandse staat om hulp bij hun uitreis, meldt NRC in een reportage.
Dat verzoek richtte zich tot het ministerie van Buitenlandse Zaken. De studenten wilden via de rechter afdwingen dat Nederland hen zou bijstaan bij het verlaten van de Gazastrook. Volgens hen was sprake van een uitzonderlijke situatie waarin de staat moest ingrijpen.
Eerder heeft Buitenlandse Zaken enkele tientallen mensen geholpen om Gaza te verlaten. Dat gebeurde in een periode die door het ministerie werd omschreven als "zeer schrijnend”, vanwege de veiligheidssituatie en humanitaire omstandigheden. Volgens de staat ging het toen om een eenmalige uitzondering. De kern van de rechtszaak was de vraag of die eerdere uitzondering een vaste norm moest worden. De advocaat van de drie Gazanen stelde dat anderen in een vergelijkbare positie rechten konden ontlenen aan dat eerdere optreden van de staat. De landsadvocaat betoogde dat dit niet het geval was.
De bestuursrechter gaf de staat daarin gelijk. De rechter erkende dat de situatie in Gaza nog altijd ernstig is. Toch oordeelde hij dat consulaire beslissingen van het ministerie niet vatbaar zijn voor bezwaar of beroep. Daardoor kan de rechter inhoudelijk niet toetsen of Nederland verplicht is om hulp te verlenen. Het verzoek werd daarom afgewezen om procedurele redenen. De rechter sprak zich niet uit over de wenselijkheid van hulp, maar uitsluitend over de juridische mogelijkheden. Volgens het oordeel bestaat er geen besluit waartegen via het bestuursrecht kan worden geprocedeerd.























































