Belgische minister zet opvangstop voor asielzoekers door ondanks kritische rechterlijke uitspraak

De Belgische minister van Asiel en Migratie Anneleen Van Bossuyt (N-VA) zet haar omstreden opvangstop voor bepaalde asielzoekers voort, meldt Sudinfo. Dat doet zij ondanks een recente schorsing van de maatregel door het Grondwettelijk Hof. Het beleid richt zich op asielzoekers die al bescherming hebben gekregen in een andere EU-lidstaat. Volgens Van Bossuyt maakt de maatregel deel uit van een bredere poging om misbruik van het asiel- en opvangsysteem tegen te gaan. “De druk op onze samenleving en op het terrein is immens”, zegt de minister. “Ik ga niet toekijken hoe mensen ons asiel- en opvangsysteem misbruiken.”
De maatregel maakt het mogelijk om materiële hulp aan asielzoekers te beperken of volledig stop te zetten wanneer zij al eerder bescherming kregen in een andere EU-lidstaat. In februari zette het Grondwettelijk Hof voorlopig een streep door de regeling. Volgens het Hof kan de maatregel asielzoekers “een moeilijk te herstellen ernstig nadeel berokkenen”.
Het Belgische Hof heeft het Europees Hof van Justitie gevraagd om te beoordelen of de regeling in strijd is met Europees recht.
Ondanks die schorsing wil Van Bossuyt het beleid niet stopzetten. Volgens haar bestaan er binnen de Belgische wetgeving nog andere juridische mogelijkheden om opvang te weigeren. “We respecteren de uitspraak van het Grondwettelijk Hof en wachten het oordeel van het Europese Hof van Justitie af. Uit onze juridische analyse blijkt echter dat de Belgische wetgeving nog bijkomende gronden biedt om opvang te weigeren aan mensen die al bescherming hebben in een andere Europese lidstaat. Die wettelijke mogelijkheden zullen we uiteraard benutten.”
De minister stelt dat het beleid al merkbare effecten heeft gehad. Volgens cijfers van haar kabinet daalde de instroom van mensen die eerder al bescherming kregen in een andere EU-lidstaat sterk. “De instroom van personen die al bescherming kregen in een andere EU-lidstaat is in de periode september-december 2025 gedaald met maar liefst 83 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2024.”























































