Migrant die Wilders bedreigde en eigen huis in de fik stak moet langer in gevangenis blijven

Een 29-jarige man met een migratieachtergrond uit Roosendaal moet zich binnenkort voor de rechter verantwoorden voor ernstige bedreigingen aan het adres van Geert Wilders, leider van de Partij voor de Vrijheid (PVV). De verdachte, Abdel B., wordt daarnaast verdacht van brandstichting en meerdere andere strafbare feiten. De rechtbank heeft besloten de verschillende zaken samen te voegen. Daardoor zal de man later in één procedure worden berecht, meldt BN de Stem.
De bedreiging aan Wilders werd volgens het dossier rond 1 maart vorig jaar verstuurd. In dat bericht schreef de verdachte: "Ook al ben ik bekeerd tot orthodox-christen, ik zou nog steeds uw keel doorsnijden en uw hoofd in de vriezer stoppen.”
De man verklaarde dat hij het bericht stuurde omdat Wilders volgens hem „niet normaal de dialoog aanging met me toen ik nog een atheïstisch moslim was”. De boodschap werd afgesloten met een opvallende ondertekening. "Groet, Joan van Mozes.” Op het moment van de bedreiging zat de PVV van Wilders nog in de regering.
Naast de bedreiging wordt Abdel B. ook vervolgd voor brandstichting in zijn woongebouw in Roosendaal. De brand vond plaats op 4 december vorig jaar. Volgens de aanklacht zou de verdachte het vuur zelf hebben aangestoken.
De brandweer wist het vuur snel te blussen. Een bewoner kon uit de woning worden gehaald. Een bovenbuurman moest met een hoogwerker van zijn balkon worden gered. De flatwoning liep zware schade op.
De verdachte wordt daarnaast verdacht van meerdere andere strafbare feiten. Zo zou hij op 28 september vorig jaar een inwoner van Goes hebben bedreigd. In een bericht schreef hij: 'Ik snij heel die kk-keel van je open.' De man dacht dat het slachtoffer hem geld schuldig was. Volgens het dossier ging hij later diezelfde dag naar Goes, waar hij de man zou hebben geslagen en geschopt.
De advocaat van de verdachte, Nicole van Oers, vroeg de rechtbank om haar cliënt voorlopig vrij te laten zodat hij zijn behandeling kan voortzetten. Volgens de verdachte zelf zou detentie zijn situatie verslechteren. Het Openbaar Ministerie verzette zich tegen dat verzoek. De officier van justitie vindt de verdenkingen te ernstig om de man voorlopig vrij te laten. Volgens de aanklager moet eerst het onderzoek door een psycholoog en psychiater worden afgerond voordat een beslissing kan worden genomen.
De rechtbank ging daarin mee. Abdel B. blijft voorlopig vastzitten.





















































