Ook Nederlandse allochtonen zijn kritisch op asielbeleid

De kritiek op het Nederlandse asielbeleid komt niet alleen uit blanke dorpen of rechtse bolwerken. Ook Nederlanders met een migratieachtergrond maken zich zorgen over azc’s, de Spreidingswet, integratie en woningnood. Dat blijkt uit een enquête van Verian in samenwerking met De Telegraaf.
Van de Nederlanders met een migratieachtergrond vindt 63 procent dat er sprake is van een asielcrisis. Onder alle Nederlanders ligt dat aandeel op 73 procent. Het verschil is er dus wel, maar het beeld is duidelijk: de zorgen leven breed.
Ook over azc’s en de maatschappelijke spanningen rond opvanglocaties denken allochtone en autochtone Nederlanders opvallend vaak hetzelfde. De asieldiscussie loopt daarmee dwars door de samenleving heen. Niet alleen tussen links en rechts, of tussen Randstad en provincie, maar ook binnen migrantengemeenschappen zelf.
‘Met zulke aantallen wordt integreren lastig’
In Amsterdam-Zuidoost is die spanning goed zichtbaar. In winkelgebied Amsterdamse Poort lopen bijna alle culturen door elkaar. Tussen Surinaamse winkels, Chinese zaken, parfumerieën en kapperszaken haalt Volendammer Erwin Braan tijdens zijn werkpauze een broodje döner. Hij werkt al lang in de wijk en voelt zich er thuis.
Maar hij ziet ook de rafelranden. Grofvuil op straat. Groepjes jongens waar je beter geen ruzie mee krijgt. Verwarde mensen. En bij de noodopvang voor asielzoekers verderop soms vechtpartijen en vernielingen.
Braan wil niet somberen. “Met al die verschillende mensen hebben we het best goed voor elkaar in Nederland”, zegt hij. Maar volgens hem moet de instroom wel omlaag. Met zulke grote aantallen wordt integreren moeilijker.
Die opvatting staat niet op zichzelf. Uit de enquête blijkt dat ook veel Nederlanders met migratiewortels vinden dat het huidige asielbeleid onder druk staat.
Zorgen over Nederlandse cultuur
Over integratie liggen de cijfers iets verder uit elkaar. De helft van alle Nederlanders vindt dat het slecht gaat met de integratie van nieuwkomers en mensen met een migratieachtergrond. Onder Nederlanders met een migratieachtergrond is dat 45 procent.
Toch komt de kern dicht bij elkaar. Nederlands leren, de rechtsstaat respecteren en je aanpassen aan Nederlandse normen worden breed belangrijk gevonden. Dat geldt ook in de Bijlmer.
Cybersecuritymedewerker Jerichio Valentijn, zoon van een Surinaamse vader en oud-profvoetballer in Bulgarije, ziet dat de multiculturele samenleving niet vanzelf goed gaat. “Het is wel fijn dat je in je eigen stad gewoon ABN kunt praten”, zegt hij bij De Telegraaf. Over het algemeen vindt hij dat integratie goed verloopt. Maar hij maakt zich zorgen dat de Nederlandse cultuur op de achtergrond raakt.
Nog scherper klinkt Mansour Shirkhani. Hij kwam als politiek vluchteling uit Iran naar Nederland. Hij houdt van het land dat hem vrijheid gaf, vertelt hij bij De Telegraaf. “Je mag zeggen wat je wilt en als je problemen hebt, word je geholpen.”
Woningnood raakt iedereen
Ook de woningcrisis speelt mee. Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat veel Nederlanders woningnood koppelen aan migratie. Volgens de Telegraaf-enquête leeft die gedachte ook bij Nederlanders met een migratieachtergrond.
Onderzoeker Bart Koenen van Verian noemt dat logisch. “Turkse Nederlanders hebben net zo goed volwassen kinderen thuis die geen woning kunnen vinden. Ook bij hen leeft verontwaardiging dat statushouders voorrang krijgen bij een sociale huurwoning,” zegt hij bij De Telegraaf.
Daarmee wordt de asieldiscussie concreet. Het gaat niet alleen over aantallen of ideologie, maar ook over kinderen die geen huis vinden, buurten die veranderen en voorzieningen die onder druk staan.
Generatiekloof onder allochtonen
Binnen migrantengroepen zelf bestaat ook verschil. Jongere Nederlanders met een migratieachtergrond denken op sommige punten vrijer dan hun ouders. Zij hebben minder begrip voor religieuze scholen die een homoseksuele leraar willen weigeren. Ook vinden zij het vaker onacceptabel als mannen vrouwen om religieuze redenen geen hand willen geven.
Toch voelen juist jongeren zich minder vaak thuis in Nederland. Van de jongere allochtonen zegt 37 procent zich hier thuis te voelen. Bij ouderen met een migratieachtergrond is dat 74 procent. Volgens Koenen is sprake van een generatiekloof, al ziet hij die breder in de samenleving: ouderen zijn vaker tevreden over hun leven dan jongeren.




















































