Volgende klap voor industrie: raffinaderijen dreigen om te vallen

De Nederlandse raffinagesector staat op instorten. Volgens brancheorganisatie Vemobin is de situatie ‘nijpend’. ‘Dit is geen theoretisch probleem meer. Het gaat nú mis’, zegt directeur Jan-Willem van den Beukel bij De Telegraaf. De sector heeft te maken met stijgende kosten, strengere regels en harde concurrentie uit China.
Zonder ingrijpen, zo waarschuwt Vemobin, raakt Nederland niet alleen een complete industrie kwijt, maar ook zijn strategische onafhankelijkheid. ‘Brandstof voor JSF-gevechtsvliegtuigen komt uit deze havens’, benadrukt Van den Beukel. ‘Als Nederland zijn raffinagesector kwijtraakt, krijgen we die niet meer terug.’
Sluiting raakt hele economie
De raffinaderijen vormen de basis voor honderden producten. Ze leveren niet alleen benzine en diesel, maar ook grondstoffen voor kunststoffen en chemie. Als deze installaties verdwijnen, moeten bedrijven hun grondstoffen uit het buitenland halen. ‘Dat betekent dat je geen betaalbare brandstoffen meer hebt’, zegt Van den Beukel.
De raffinagesector bestaat nu nog uit vijf bedrijven: Shell, BP, ExxonMobil, TotalEnergies en Vitol. Maar de marges zijn flinterdun. ‘Sommigen draaien al verlies.’ Gunvor, ooit een van de grootste, sloot eind vorig jaar al de deuren. 160 mensen verloren hun baan.
Kosten in Nederland veel hoger
De problemen komen door hogere energieprijzen, extra heffingen en een streng klimaatbeleid. ‘In Duitsland en België wordt de industrie ondersteund, hier niet’, zegt Maarten van Gaans-Gijbels van Vemobin. ‘De energiekosten zijn hier drie tot vier keer hoger.’
Volgens Van den Beukel komt er weinig actie uit Den Haag. ‘Het is echt on-be-grijpe-lijk dat de Tweede Kamer accepteert dat het kabinet pas ná de zomer met resultaten komt.’ Volgens hem zijn de feiten duidelijk. ‘Dit is geen kwestie van evalueren, maar van handelen.’
Shell en BP nemen maatregelen
Shell heeft inmiddels aangekondigd zijn Europese chemie-installaties te heroverwegen. Ook een verkoop van delen in Moerdijk en Pernis ligt op tafel. BP besloot om een nieuwe waterstoffabriek niet in Nederland, maar in Duitsland te bouwen. ‘Nederland prijst zichzelf hier volledig uit de markt.’
De industrie vraagt al jaren om duidelijkheid. ‘We worden overstelpt met regels, maar missen een langetermijnperspectief’, zegt Van Gaans-Gijbels. ‘Zonder een goed netwerk voor elektriciteit, waterstof en CO2 kunnen we niet verduurzamen.’
Van den Beukel sluit af met een waarschuwing: ‘Meer dan 90 procent van het Nederlandse wagenpark rijdt nog op fossiele brandstoffen. In 2040 zal er nog steeds veel vraag zijn. Dan moet je als Nederland die wel willen behouden.’