Rob Kamphues: 'Heerlijk dat er wordt neergekeken op PVV'ers'

En gesprek over werk en politiek is vrijdagavond razendsnel ontspoord in De Oranjewinter. Aan tafel zei Rob Kamphues dat hij het “heerlijk” vindt dat er in Nederland wordt neergekeken op PVV-politici en -aanhangers. De uitspraak viel slecht. Binnen enkele minuten lag de talkshowtafel in de clinch, meldt Mediacourant in een uitgebreid verslag.
Aanleiding was een bericht van oud-minister Fleur Agema, die op sociale media liet weten dat zij op zoek is naar een baan. Mediadeskundige Victor Vlam zag daarin een patroon. Volgens hem hebben veel oud-PVV’ers moeite om aan werk te komen. “Heel veel PVV’ers worden gediscrimineerd en kunnen moeilijk aan een baan komen,” zei hij.
‘Slecht werk geleverd’
Kamphues zette daar direct vraagtekens bij. “Je weet toch niet of het gediscrimineerd is? Ze hebben toch heel slecht werk gedaan in de regering? Dan is het toch logisch dat je als bedrijf denkt: die hoef ik even niet?”h
Vlam wierp tegen dat het wel degelijk om kundige mensen gaat. “Rob, het zijn wel competente mensen, hè?”
Ook Rutger Castricum mengde zich in het gesprek. Hij wees erop dat dit probleem al langer speelt. “Het is sinds jaar en dag al zo dat PVV’ers die actief zijn geweest in de Tweede Kamer of minister heel moeilijk aan de bak komen. Het duurt heel lang, omdat ze politiek erg gekleurd zijn.”
Toen Vlam opmerkte dat er in de samenleving op PVV’ers wordt neergekeken, kwam de uitspraak die alles deed kantelen. Kamphues reageerde kort en fel: “Heel goed. Lekker. Heerlijk.” Vlam noemde dat “schandalig”.
Hélène Hendriks grijpt in
Presentatrice Hélène Hendriks onderbrak het gesprek. “Meen je dat nou serieus? Waarom vind je het fijn dat er neergekeken wordt op PVV’ers?”
Kamphues antwoordde: “Nee, dat er gewoon nog weldenkende mensen in het land zijn die gewoon denken: nou, daar hebben we niks mee.”
Hendriks hield hem voor dat hij daarmee miljoenen kiezers wegzet. “Maar nou zet je heel veel kiezers, want er zijn héél veel mensen die hebben gestemd op PVV, eigenlijk weg als dom.” Castricum voegde eraan toe: “Dat je erop neer mag kijken is natuurlijk niet zo lekker, Rob…”
Geen grap
Kamphues probeerde terug te krabbelen, maar half. “Nee, neerkijken is niet goed…”Castricum greep zijn kans: “Zeg maar dat het een grap was anders.” Hendriks: “Dan ben je er van af.”
Kamphues weigerde. “Nee, neerkijken is niet goed, maar je mag wel denken: daar wil ik niks mee te maken hebben. Even mekaar uit laten praten! Heel weldenkend Nederland…”
Castricum kaatste terug: “Ja, volgens jou is dat weldenkend Nederland en dus PVV’ers niet.”
‘Dat zooitje’
De toon werd scherper toen Kamphues werkgevers erbij haalde. “Als je een bedrijf hebt, heb je toch ergens een beetje verstand van?”
Hendriks reageerde direct: “Ja, maar nu doe je hetzelfde. Met andere woorden zeg je dat zij geen verstand hebben.”
Kamphues maakte één uitzondering. “Fleur Agema wil ik een uitzondering voor maken, maar laten we eerlijk wezen: ik denk dat je meer dan de helft van dat zooitje niet in het bedrijf wil hebben. Dat is toch niet zo gek?” Vlam vroeg waarom niet. Hierop antwoordde Kamphues: “Omdat ze er een zooitje van hebben gemaakt.”
Botsing over feiten
Volgens Vlam zat daar precies het probleem. “Dat vindt jij. Dat is het probleem. Jij kijkt op ze neer. Jij vindt ze niet intelligent en daarom denk je dat ze niets kunnen.” Hij stelde een spiegelvraag: “Vind jij dat een rechts persoon een GroenLinks/PvdA-Kamerlid mag weigeren? Vind je dat acceptabel?”
Kamphues ontkende dat het om discriminatie gaat. “Nee, wacht even. Jij beweert dat het discriminatie is. Ik zeg: ze vinden hen gewoon niet incompetent.”
Vlam reageerde fel: “Mijn mening klopt hierbij en die van jou niet. Dat is het grote verschil. Dat is gewoon een feit.”
Kamphues: “Lulkoek! Kom dan met de bewijzen!”
Volgens Vlam is dat bewijs er al lang. “Er is meer dan genoeg bewijs, Rob. Met alle respect: jij bent niet goed geïnformeerd over deze zaak, ik vind het schrikbarend.”
Kamphues kapte het af. “Ik hou hier niet van. Je smijt met dingen die jij zegt te weten, zonder dat je met bewijs komt. Maar laat maar, het is goed.”
















































