Agema was eerder minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en eerste vicepremier in het kabinet-Schoof. In het programma ging het echter niet over beleid, maar over haar geschiktheid voor het burgemeestersambt. Palache vroeg zich af hoe Agema als burgemeester zou functioneren in wijken met veel moslims en bij representatieve momenten.
Vragen over islam en representatie
Palache zette meteen de toon door te wijzen op spanning tussen Agema’s uitspraken en het burgemeestersambt. Zij schetste een concreet voorbeeld. ‘Ik vraag me af over de ambitie van burgemeesterschap. Er zit zoiets onverzoenlijks ook in de manier zoals je praat over de islam en daar bijna dus geen onderscheid meer maakt. Dan moet je een buurthuis openen in een islamitische buurt en dan word je gevraagd als burgemeester om een lintje door te knippen. Hoe denk je dat dat valt?’
Agema reageerde zichtbaar geïrriteerd en viel Palache aan op het beeld dat ze schetst. ‘Hoe moet je je minachting nou zien? Ik heb een uitstekende achtergrond.’
Toen Palache haar vraag probeerde te verduidelijken, bracht Agema internationale voorbeelden ter sprake om haar zorgen te onderbouwen. ‘Ik mag als het gaat om Iran met de tranen in de ogen zeker naar de televisie kijken? Je wordt gewoon afgeknald als je een vrouw bent en je hoofddoek niet op doet.’
Neutraliteit en grenzen
Palache maakte duidelijk dat zij die vergelijking niet vindt opgaan voor Nederland. ‘In Nederland zijn het toch vooral uitwassen waar mensen verplicht worden en onderdrukt worden? Je kan toch niet zeggen dat de islam in Nederland de islam van Iran is?’
Agema ontkende dat zij dat beweert, maar bleef bij haar inhoudelijke kritiek. ‘Nee, dat zeg ik ook niet. Maar in de kern is de positie van vrouwen en ook van homoseksuelen en LHBTI niet goed.’
Volgens Agema mag een burgemeester dat benoemen. Zij verzette zich tegen het idee dat neutraliteit betekent dat je zwijgt. ‘Maar je vindt dus dat alleen een burgemeester die zwijgt, een burgemeester kan zijn.'
Palache bracht vervolgens een kijkersvraag in.
‘Als Agema straks burgemeester is, kan het dorp of de stad in het verdomhoekje komen vanwege haar PVV verleden?’
Agema wees die gedachte resoluut af en verwees naar haar eerdere bestuursfunctie. ‘Ik heb dat toch als minister ook uitstekend laten zien dat ik de minister ben voor alle Nederlanders, alle. Alle zorgverleners, iedereen die zorg nodig heeft, zonder aanziens des persoons.’
Volgens Agema wordt zij daarom ook onterecht neergezet. ‘Het is een brandmerk. Maar het brandmerkt mij, terwijl ik een uitstekende burgemeester zou zijn voor iedereen en voor mijn stad.’