Onderzoek legt nauwe banden bloot tussen overheid en natuurclubs

De overheid en natuurclubs zoals MOB zijn in het Nederlandse natuurdossier opvallend nauw met elkaar verweven. Dat stelt onderzoeksplatform Stichting Agri Facts na onderzoek naar het netwerk van natuurorganisaties, ambtenaren en adviesclubs rond het stikstofbeleid.
Volgens Staf werken sommige personen en organisaties voor de overheid aan natuurbeleid, terwijl zij tegelijk actief zijn bij clubs die lobbyen of procederen voor strengere regels. Dat roept vragen op over onafhankelijkheid, vooral omdat natuuronderzoek een belangrijke basis vormt onder beleid en vergunningverlening.
De kern van de kwestie is helder: wie de overheid van kennis voorziet, heeft veel invloed op beleid. Als dezelfde kring ook actie voert tegen dat beleid, ontstaat al snel de schijn van belangenverstrengeling.
Woordvoerder met dubbele rol
Aanleiding voor het onderzoek was Rob Janmaat. Hij trad op als woordvoerder van MOB en Advocaat van de Aarde bij vragen over een rapport over pesticiden in een natuurgebied. Staf herkende hem als directeur en oprichter van communicatiebureau De Lynx.
Dat bureau werkt veel voor overheden en houdt zich bezig met natuur, klimaat en ruimte. Daardoor ontstaat een opmerkelijke combinatie: Janmaat werkt via zijn bureau voor overheden op het natuurdossier, maar is ook betrokken bij organisaties die juridisch strijden tegen overheidsbeleid op datzelfde terrein.
Volgens Staf werden vragen over het rapport beantwoord, maar vragen over deze dubbele rol niet. Na publicatie meldde Janmaat zich alsnog en stemde hij in met een interview. Later trok hij die toezegging weer in.
Natuurorganisaties onder één dak
Staf wijst ook op een groep natuurstichtingen in Nijmegen, waaronder RAVON, SOVON en de Zoogdierstichting. Deze veelal als ANBI geregistreerde organisaties doen natuuronderzoek voor de overheid. Hun gegevens spelen een grote rol bij de beoordeling van soorten, natuurgebieden en beleidskeuzes.
Tegelijkertijd lobbyen zulke natuurclubs voor strenger natuurbeleid. Meerdere organisaties schaarden zich bovendien openlijk achter Greenpeace in de stikstofzaak tegen de Staat.
Opvallend is volgens Staf dat ook de natuurafdeling van BIJ12, de uitvoeringsorganisatie van de provincies, op dezelfde locatie is gevestigd. Volgens de website zou deze afdeling in Utrecht zitten, maar Staf trof de afdeling aan in Nijmegen. Daarmee zitten overheid en natuurorganisaties niet alleen inhoudelijk dicht op elkaar, maar soms ook letterlijk.
Ambtenaren in besturen
Het onderzoek wijst verder op hoge natuurambtenaren die zitting hebben in besturen of toezichtraden van natuurstichtingen. Betrokken overheden stellen dat dit met toestemming gebeurt en op persoonlijke titel. Daardoor zou er geen sprake zijn van belangenverstrengeling.
Staf vindt die uitleg te makkelijk. Het probleem is niet dat elke nevenfunctie verboden zou moeten zijn. Het probleem is dat dezelfde kleine wereld terugkomt in onderzoek, beleid, lobby en rechtszaken.
Ook valt volgens Staf op dat natuurstichtingen relatief vaak politici aan boord hebben. Meestal gaat het om GroenLinks-PvdA, soms om D66.
Kennisleverancier of activist?
Dat de overheid natuuronderzoek laat uitvoeren door gespecialiseerde organisaties is op zichzelf verdedigbaar. Beleidsmakers hebben kennis nodig. Maar ingewikkelder wordt het wanneer dezelfde organisaties ook campagne voeren of procederen voor een strenger stikstofbeleid.
Dan rijst de vraag of zij nog alleen neutrale kennisleveranciers zijn, of ook politieke spelers. Volgens Staf wordt het “problematisch” wanneer dezelfde organisaties tegelijkertijd lobbyen of procederen. Zeker wanneer ambtenaren ook bestuurlijke functies bekleden bij zulke clubs, ontstaat volgens het platform “op zijn minst de schijn van belangenverstrengeling”.
Stikstofcrisis via de rechter
De analyse raakt aan de kern van de stikstofcrisis. Natuurclubs zoals MOB voeren al jaren procedures tegen natuurvergunningen en andere toestemmingen voor bedrijven. Daardoor durven overheden volgens Staf nauwelijks nog vergunningen af te geven.
Ook oude toestemmingen worden aangevochten. Dat kan omdat de wet daar ruimte voor biedt. Juristen waarschuwden volgens Staf al bij de invoering van nieuwe natuurregels in 2015 voor gaten in de wet. Die zijn nooit goed gedicht.
Volgens Staf kan de stikstofcrisis daarom op twee manieren worden doorbroken. De milieubeweging kan stoppen met procederen. Of de overheid kan de wet zo aanpassen dat vergunningen juridisch beter overeind blijven.
Tot die tijd blijft de centrale vraag bestaan: wie bepaalt in Nederland eigenlijk de koers van het natuurbeleid, en hoe onafhankelijk is de kennis waarop dat beleid rust?






















































