Kabinet ziet af van hogere straffen voor jonge criminelen

De maximale straffen voor jonge criminelen gaan niet omhoog. Het kabinet ziet af van het eerdere plan om de jeugddetentie te verlengen voor 14- en 15-jarigen die zeer ernstige misdrijven plegen. Daarmee draait het nieuwe kabinet een voornemen van het kabinet-Schoof terug, meldt De Telegraaf.
Het vorige kabinet wilde de strafmaxima verhogen omdat de huidige jeugdstraf volgens toenmalige bewindslieden niet altijd meer paste bij de ernst van zware misdrijven. Voor kinderen tot 16 jaar is de maximale detentie in een jeugdinrichting nu één jaar. Dat werd te laag gevonden bij de zwaarste delicten.
D66-staatssecretaris Claudia van Bruggen van Rechtsbescherming kiest nu voor een andere lijn. Volgens haar is langere jeugddetentie geen oplossing voor recidive en past het niet goed bij het pedagogische karakter van het jeugdstrafrecht.
‘Niet minder recidive’
Van Bruggen verwijst in een Kamerbrief naar een vergelijkend onderzoek van het WODC naar jeugdstrafrecht in verschillende landen. Daarin wordt betwijfeld of hogere jeugddetentie voor kinderen onder de 16 jaar past binnen internationale kinderrechten. Die leggen nadruk op ontwikkeling en resocialisatie.
Volgens de staatssecretaris is er bovendien geen overtuigend bewijs dat langere jeugddetentie ervoor zorgt dat jongeren minder vaak opnieuw de fout ingaan. Zij schrijft dat langere detentie “niet bijdraagt aan de vermindering van recidive”.
Ook wijst zij op de gevolgen van detentie zelf. Jongeren raken hun dagelijkse structuur kwijt. School, sociale contacten en andere vaste patronen vallen weg. Daardoor kan een langere straf volgens haar juist averechts werken.
Angst voor hogere straffen over de hele linie
Het kabinet vreest ook een zogenoemd opstuwend effect. Als de maximale straffen voor de zwaarste jeugdzaken omhooggaan, kunnen volgens Van Bruggen ook jongeren die minder ernstige feiten plegen zwaarder worden gestraft.
Daarmee zou het hele jeugdstrafrecht verschuiven richting hardere bestraffing. Dat wil het kabinet voorkomen. Het huidige stelsel moet volgens de staatssecretaris gericht blijven op opvoeding, behandeling en terugkeer in de samenleving.
Vanaf 16 jaar bestaat in Nederland al de mogelijkheid om jongeren bij ernstige misdrijven als volwassene te berechten. Daarmee is volgens het kabinet al ruimte om bij zware zaken harder op te treden.
Contrast met Zweden
De Nederlandse keuze staat in scherp contrast met Zweden. Daar nam het parlement onlangs een wet aan waardoor rechters 14-jarigen naar een gevangenis voor volwassenen kunnen sturen. Eerder lag zelfs een voorstel op tafel om die mogelijkheid vanaf 13 jaar in te voeren.
Zweden kampt al jaren met extreem bendegeweld. Drugsnetwerken gebruiken minderjarigen voor schietpartijen, explosies en andere zware misdrijven. De Zweedse regering stelt dat criminelen bewust jongeren ronselen omdat zij in het jeugdstrafrecht lagere straffen krijgen.
In Nederland speelt die discussie ook. Politie en justitie waarschuwen steeds vaker dat jonge daders worden ingezet door criminele netwerken. Toch kiest het kabinet er niet voor om de maximumstraffen voor 14- en 15-jarigen te verhogen.
Kosten en cellentekort
Ook praktische bezwaren wegen mee. Volgens een raming van het ministerie zou het verhogen van de strafmaxima jaarlijks tussen de 11 en 136 miljoen euro extra kosten.
Daarnaast zouden tientallen tot honderden extra plekken nodig zijn in justitiële jeugdinrichtingen. Die capaciteit is er niet zomaar. De sector kampt al met personeelstekorten. Ook zitten er nu al jongeren noodgedwongen in gevangenissen voor volwassenen, omdat er onvoldoende geschikte jeugdplaatsen beschikbaar zijn.
Voorlopig blijft Nederland dus vasthouden aan de bestaande koers. Jongeren onder de 16 jaar kunnen bij zware misdrijven maximaal één jaar jeugddetentie krijgen. Bij 16- en 17-jarigen kan de rechter in uitzonderlijke gevallen uitwijken naar het volwassenenstrafrecht.

















































