Noorse cijfers: asielzoekers en Afrikaanse immigranten sterk oververtegenwoordigd bij geweld

Een nieuwe registerstudie van de Noorse statistische dienst SSB laat zien dat er aanzienlijke verschillen bestaan in geregistreerde gewelds- en mishandelingszaken tussen verschillende groepen binnen de Noorse bevolking. De onderzoekers analyseerden hoeveel personen van vijftien jaar en ouder als verdachte van geweld of mishandeling geregistreerd stonden. De resultaten zijn uitgedrukt per duizend inwoners.
Volgens de cijfers bedraagt het gemiddelde voor de totale bevolking 6,28 geregistreerde geweldplegers of verdachten van mishandeling per duizend inwoners. Onder immigranten ligt dat cijfer op 11,18 per duizend inwoners, bijna twee keer zo hoog als het landelijke gemiddelde. De onderzoekers benadrukken daarbij dat de cijfers uitsluitend betrekking hebben op geregistreerde verdachten.
De studie laat zien dat de verschillen sterk uiteenlopen afhankelijk van de herkomst van immigranten.
Bij immigranten uit Afrikaanse landen bedraagt het aantal geregistreerde geweldsverdachten 23,39 per duizend inwoners. Daarmee ligt dit niveau ongeveer 3,7 keer boven het gemiddelde van de totale bevolking.
Voor immigranten uit Azië, inclusief Turkije, komt het cijfer uit op 14,11 per duizend inwoners. Bij immigranten uit Zuid- en Centraal-Amerika bedraagt het 12,71 per duizend inwoners. Voor immigranten uit Oost-Europa noteert de statistische dienst 10,12 per duizend inwoners. Volgens de onderzoekers laten de cijfers zien dat er grote verschillen bestaan tussen afzonderlijke migrantengroepen en dat generalisaties daarom niet mogelijk zijn.
Naast herkomst keek de Noorse statistische dienst ook naar de reden waarom mensen naar Noorwegen kwamen. Onder vluchtelingen ligt het aantal geregistreerde geweldsverdachten op 21,15 per duizend inwoners. Bij gezinsmigranten bedraagt dat 12,95 per duizend. Arbeidsmigranten wijken daarentegen nauwelijks af van het nationale gemiddelde met 6,33 per duizend inwoners. Daarmee onderscheiden arbeidsmigranten zich duidelijk van andere migratiecategorieën in de gepubliceerde statistieken.
SSB corrigeerde de cijfers vervolgens voor factoren als leeftijd, geslacht, woonplaats en werkgelegenheid. Ook na deze statistische correcties bleven de verschillen grotendeels overeind.
Na correctie komt het aantal geregistreerde geweldsverdachten onder vluchtelingen uit op 16,04 per duizend inwoners tegenover 6,28 voor de totale bevolking. Voor immigranten uit Afrikaanse landen bedraagt het gecorrigeerde cijfer 17,29 per duizend inwoners. Volgens de statistische dienst tonen de gegevens daarmee aan dat de verschillen niet volledig kunnen worden verklaard door verschillen in bevolkingssamenstelling.
Uit de meest recente gegevens over de periode 2020 tot en met 2023 blijkt dat immigranten verantwoordelijk waren voor 23 procent van de geregistreerde aanklachten wegens geweld en mishandeling. Bij doodslag en poging tot doodslag bedroeg dat aandeel 27 procent. Ook hierbij benadrukt de Noorse statistische dienst dat het gaat om geregistreerde verdachten en niet om een verklaring voor het ontstaan van criminaliteit.
Volgens de onderzoekers sluiten de nieuwe cijfers aan bij eerdere Noorse studies. Ook over de periode 2010 tot en met 2013 werd vastgesteld dat zowel immigranten als in Noorwegen geboren personen met twee immigrantouders gemiddeld vaker als verdachte van strafbare feiten werden geregistreerd dan de rest van de bevolking. Destijds bleek de oververtegenwoordiging het grootst onder de tweede generatie immigranten. Ook toen werden de hoogste cijfers gevonden onder vluchtelingen, gezinsmigranten en immigranten afkomstig uit Afrikaanse landen.
















































