'NCTV-netwerk' claimt link remigratiecampagne Vlaardingerbroek en Moskou, bewijs ontbreekt

De campagne rond de Save Europe Act (SEA) van Eva Vlaardingerbroek wordt in verband gebracht met buitenlandse inmenging en Rusland. De Volkskrant baseert zich daarbij op onderzoek van stichting Justice for Prosperity, afgekort JfP. Uit onderzoek van onderzoeksjournalist Arno Wellens blijkt echter geen directe financiële of organisatorische verbinding tussen de campagne en het Kremlin. De belangrijkste Russische connectie loopt via de Amerikaanse conservatieve activist Brian Brown en gebeurtenissen uit 2013.
De Volkskrant schrijft over het initiatief: ‘De Save Europe Act (SEA) presenteert zich als Europees burgerinitiatief, maar achter de schermen lopen er lijnen naar een christelijk-rechtse activist in de VS, die banden heeft met Rusland. Dat blijkt uit onderzoek van Justice for Prosperity. Ook verzamelde de campagne honderdduizenden handtekeningen die volgens Europese regels ongeldig zijn.’ Daarmee spelen twee afzonderlijke kwesties. Er zijn vragen over de geldigheid van de handtekeningen en er is de suggestie van buitenlandse beïnvloeding.
De verbinding loopt via Brian Brown
JfP stelde vast dat de technische infrastructuur van de SEA verbonden is aan een bedrijf van Brian Brown. Deze Amerikaan is actief binnen conservatief-christelijke organisaties en voert onder meer campagne tegen abortus en het homohuwelijk. Volgens het onderzoek levert zijn bedrijf technische diensten aan SEA. Die zakelijke verbinding tussen Brown en de campagne wordt wel onderbouwd.
De stap van Brown naar het Kremlin is echter minder direct. Brown was in 2013 aanwezig in Moskou en bezocht in latere jaren opnieuw de Russische hoofdstad. JfP schrijft, vertaald uit het Engels: ‘Ondanks de focus op Europese burgers kan de technische infrastructuur worden toegeschreven aan een prominente Amerikaanse MAGA-activist tegen LGBTIQ+ met banden met het Kremlin.’ Het aangehaalde bewijs voor die banden bestaat vooral uit publicaties over Browns bezoeken aan Rusland van dertien jaar geleden.
JfP-directeur Jelle Postma trekt daar een stevige conclusie uit. ‘Hun gemeenschappelijke vijand is onze liberale democratie en haar instituties. Het doel is het destabiliseren van onze samenleving.’ In het materiaal wordt echter niet aangetoond dat Brown en het Kremlin samen SEA hebben opgezet of gezamenlijk zo'n doel hebben afgesproken. Ook wordt geen bewijs gepresenteerd voor betalingen vanuit Rusland aan Vlaardingerbroek of aan SEA.
Oude publicaties vormen belangrijke basis
Een belangrijk deel van de onderbouwing leidt terug naar Amerikaanse artikelen uit 2013. Daarbij gaat het onder andere om publicaties van Right Wing Watch, Salon en Huffington Post. Sommige oorspronkelijke links bestaan inmiddels niet meer en zijn alleen via internetarchieven terug te vinden. De bronnen tonen dat Brown contacten in Rusland had, maar leveren geen rechtstreeks bewijs dat de huidige SEA-campagne vanuit Moskou wordt bestuurd.
Opvallend is bovendien de disclaimer die JfP bij het onderzoek plaatst. Daarin staat, vertaald uit het Engels: ‘Voor zover wettelijk toegestaan, aanvaardt Justice for Prosperity (JfP) geen verantwoordelijkheid voor enige verklaring in dit onderzoek.’ Die formulering verandert niets aan de inhoud van het onderzoek, maar onderstreept wel dat JfP geen verantwoordelijkheid wil nemen voor de eigen uitspraken.
Wat op basis van het aangehaalde materiaal overeind blijft, is een technische relatie tussen SEA en een bedrijf van Brown en zijn oude contacten met Rusland. Een directe lijn van Vlaardingerbroek of SEA naar Poetin wordt daarmee niet aangetoond. Wie spreekt van Russische inmenging, legt daarom een zwaardere conclusie op tafel dan het gepresenteerde bewijs zonder meer kan dragen.
Achtergrond Justice for Prosperity
Justice for Prosperity is zelf onderwerp van discussie over haar werkwijze en achtergrond. Volgens onderzoek van NieuwRechts werd de stichting opgericht door Jelle Postma, die eerder bij de AIVD en de NCTV werkte, en mede door voormalig NCTV-medewerker Lou Errens.
Ook verschillende toezichthouders hebben een verleden bij veiligheids- en inlichtingendiensten, waaronder de AIVD, Europol, het Amerikaanse Department of Homeland Security en het Britse Home Office. JfP schrijft in het eigen jaarverslag dat medewerkers eerder instrumenten bouwden voor onder meer de AIVD, NCTV, Europol, buitenlandse overheden en de Verenigde Naties.
NieuwRechts plaatst daarnaast vraagtekens bij de politieke neutraliteit en financiering van de stichting. JfP brengt in het zogenoemde Anti-Rights Diamond Model onder meer PVV, FVD, JA21, BVNL, SGP en ChristenUnie in kaart, naast media, opiniemakers en bedrijven die volgens de organisatie onderdeel zijn van of bijdragen aan een 'anti-rechten ecosysteem'. De stichting zegt onderzoek te doen naar bedreigingen voor de democratie en werkt daarbij met monitoringinstrumenten zoals WhoDis.
Volgens NieuwRechts is tegelijk niet volledig duidelijk welke partijen het werk financieren en welke informatie JfP buiten de openbaarheid met overheden en andere instellingen deelt.
















































