Kabinet wil EU-verdrag met gender- en diversiteitsdoelen stilzwijgend goedkeuren

Het kabinet wil een nieuw cultuurverdrag van de Raad van Europa via stilzwijgende goedkeuring langs het parlement sturen. Daardoor komt er niet automatisch een debat in de Tweede Kamer. Alleen als voldoende Kamerleden daarom vragen, volgt alsnog een expliciete stemming. Minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA) is formeel verantwoordelijk voor de behandeling van het verdrag
Het gaat om een verdrag over internationale samenwerking bij de productie van televisieseries. De tekst werd in maart in Lille vastgesteld. Het kabinet besloot op 10 juli het verdrag aan de Raad van State voor te leggen met het oog op stilzwijgende goedkeuring. Volgens het Tractatenblad is toestemming van de Staten-Generaal nodig voordat Nederland eraan kan worden gebonden.
De stille route betekent niet dat het parlement volledig wordt gepasseerd. Dertig Tweede Kamerleden, vijftien senatoren of een van beide Kamers als geheel kunnen eisen dat het verdrag alsnog uitdrukkelijk wordt goedgekeurd. Zonder zo'n verzoek kan het na afloop van de wettelijke termijn worden goedgekeurd zonder afzonderlijk debat.
Diversiteit en gendergelijkheid in verdrag
Het verdrag moet het voor producenten uit verschillende Europese landen makkelijker maken om gezamenlijk series te maken. Daarbij noemt de tekst het bevorderen van de culturele diversiteit van Europese landen als een van de doelen.
In de preambule wordt daarnaast verwezen naar een aanbeveling van de Raad van Europa uit 2017 over gendergelijkheid in de audiovisuele sector. Die verwijzing staat alleen in de overwegingen van het verdrag. Ze legt Nederland niet rechtstreeks nieuwe regels voor subsidies of producties op. Ook bevat het verdrag zelf geen nieuw Europees fonds of nieuwe verplichte Nederlandse afdracht.
Op een ander punt bevat de tekst wel concrete verplichtingen. Streamingdiensten en andere mediadiensten die betrokken zijn bij een officiële coproductie moeten gegevens over kijkgedrag en exploitatie aanleveren. Bevoegde autoriteiten mogen die informatie verzamelen.
Ook kunstmatige intelligentie komt in de preambule aan bod. Daarin wordt gewaarschuwd dat AI en de manier waarop digitale diensten content selecteren gevolgen kunnen hebben voor de toegang tot audiovisuele werken, culturele diversiteit en democratische waarden.
De gevolgde procedure is niet nieuw. Nederland gebruikte stilzwijgende goedkeuring eerder ook voor andere verdragen over audiovisuele coproducties. Het herziene Europese filmverdrag uit 2017 ging op die manier door het parlement. Hetzelfde gebeurde in 2025 met een coproductieverdrag met Indonesië.















































