Box 3: de fiscale terreur van een incompetente overheid
Er is in Nederland een merkwaardige potverterende socialistische opvatting over bezit ontstaan. Wie zijn geld verbrast, hoeft niets te vrezen en is buut vrij. Wie daarentegen hard werkt, onderneemt, risico's neemt, sober leeft, zijn consumptie uitstelt en vermogen opbouwt voor zijn oude dag of voor zijn kinderen, wordt door de overheid behandeld als een onuitputtelijke bron van ongebreidelde belastingheffing. Sparen is inmiddels ongewenst of zelfs verdacht, investeren is belastbaar en financieel verantwoordelijk gedrag wordt keihard bestraft. Het box 3-debacle is uitgegroeid tot een wereldwijd symbool van bestuurlijke onbekwaamheid.
In 2001 werd box 3 onder aanvoering van Willem Vermeend ingevoerd met een fictief rendement van 4%. Daarover betaalde men 30% belasting. Netto 1,2% dus en niemand hoefde een boekhouding bij te houden. Niet ideaal, maar wel simpel en werkbaar. De overheid bepaalde niet wat iemand daadwerkelijk verdiende, maar wat hij volgens Haagse pennenlikkers had moeten verdienen. Toen de spaarrente vervolgens naar nul kelderde, bleef de fiscus onbekommerd belasting heffen over niet-bestaande inkomsten.

















































