De wetteloosheid van oudejaarsnacht

Met lede ogen zag ik vannacht de beelden van de Vondelkerk die in lichterlaaie stond: de toren van de kerk die langzaam bezweek onder de agressief likkende vlammen en vervolgens haast erbarmelijk zuchtend ineenstortte. Haast heroïsche beelden van het Amsterdamse brandweerkorps dat met man en macht, hart en ziel dit prachtige stuk cultuurhistorisch erfgoed probeerde te behouden.
De Vondelkerk, vernoemd naar de grote dichter Joost van den Vondel. Een dichter die geloof, orde en zelfbeperking zag als voorwaarden voor vrijheid, waarvan het prachtige eerbetoon aan zijn gedachtegoed in een nacht waarin wij losbandigheid, anarchie en wetteloosheid accepteren, teloor gaat. Zijn waarschuwingen tegen hoogmoed en grenzeloze begeerte klinken als een ongemakkelijke aanklacht tegen een jaarwisseling waarin normen tijdelijk worden opgeschort en gezag wordt ingeruild voor gedogen, bewust wegkijken en een falende handhaving.













































