Oud-ambtenaar moest naam in coronastukken weglakken zonder juridische grond

Een voormalig ambtenaar van het ministerie van Volksgezondheid (VWS) zegt dat hij tijdens de coronacrisis opdracht kreeg om een naam uit documenten weg te lakken, terwijl daarvoor volgens hem geen juridische grond bestond. Het zou gaan om stukken die journalist Luciën Hordijk van Follow the Money via de toenmalige Wet openbaarheid van bestuur (Wob) had opgevraagd. Latere reconstructies wezen erop dat de afgeschermde naam die van speciaal coronagezant Feike Sijbesma was. De oud-ambtenaar bevestigt dat laatste zelf niet vanwege zijn geheimhoudingsplicht.
Lees ook

Florida sleept Pfizer voor rechter om coronavaccins: 'Ze wisten dat het gevaarlijk was'
De uitspraken komen van Tim van Alten, voormalig jurist en specialist op het gebied van openbaarheid bij VWS. Hij vertelt in een interview met Follow the Money over de behandeling van Wob-verzoeken tijdens de coronaperiode. Volgens Van Alten wilde de top van het ministerie voorkomen dat de naam in de openbaarheid kwam. Hijzelf vond dat juridisch niet te verdedigen.
Van Alten zegt dat hij de kwestie intern heeft aangekaart. Ook zou binnen het ministerie protest zijn geweest tegen het afschermen van de naam. Dat veranderde het besluit niet. „Ik ben daar toen in meegegaan. Als ambtenaar bereid je een besluit voor, maar de bestuurder is uiteindelijk degene die het besluit neemt. Als je in Den Haag in gewetensnood komt, is dat je coping mechanism.”
Gevoelige rol Sijbesma
De kwestie speelde rond de rol van Feike Sijbesma. De voormalige topman van DSM werd in maart 2020 door het kabinet aangesteld als speciaal gezant tijdens de coronacrisis. Hij hield zich onder meer bezig met testcapaciteit en contacten met bedrijven. Zijn broer Hans bekleedde destijds een hoge functie bij AstraZeneca, het bedrijf waarvan later op grote schaal coronavaccins werden ingekocht.
Dat zorgde voor vragen over mogelijke belangenverstrengeling. VWS stelde destijds dat vooraf uitdrukkelijk was afgesproken dat Sijbesma niet namens Nederland zou onderhandelen over de aankoop van vaccins. De Algemene Rekenkamer concludeerde later wel dat het ministerie bij zijn aanstelling onvoldoende oog had gehad voor mogelijke belangenverstrengeling of de schijn daarvan.
Juist tegen die achtergrond was openbaarmaking van zijn naam gevoelig. Volgens Van Alten was er bij de leiding van VWS sprake van „koudwatervrees”. Hij wilde de naam niet afschermen, omdat hij daarvoor geen juridische basis zag.
Naam niet door Van Alten bevestigd
Een belangrijke kanttekening is dat Van Alten niet zelf zegt dat de betreffende naam daadwerkelijk Sijbesma was. „Ik heb een geheimhoudingsverklaring getekend”, verklaart hij daarover. Dat het om Sijbesma ging, is later gereconstrueerd door onder meer de Volkskrant en GeenStijl.
Van Alten was naar eigen zeggen tevreden dat journalisten alsnog achterhaalden om wie het ging. „Die hele interne tijdrovende exercitie om de naam weg te lakken is dus nutteloos geweest.”
Ook is op basis van de nu beschikbare informatie niet vastgesteld wie binnen de VWS-top precies opdracht gaf voor het lakken. Evenmin is aangetoond dat toenmalig minister Hugo de Jonge persoonlijk die instructie gaf. Hij was als minister wel politiek verantwoordelijk voor het ministerie, maar dat staat los van de vraag wie het concrete besluit nam.
Namen mogen bij een Wob- of Woo-verzoek onder bepaalde omstandigheden worden afgeschermd. Dat kan bijvoorbeeld vanwege de bescherming van persoonsgegevens of andere wettelijke uitzonderingsgronden. Alleen mogelijke negatieve publiciteit is daarvoor geen zelfstandige juridische reden.




















































