Rechter geeft kabinet gelijk: strengere regels gezinshereniging gelden ook voor oude aanvragen

De strengere regels voor gezinshereniging mogen ook worden toegepast op aanvragen die al vóór de invoering ervan waren ingediend. Dat heeft de rechtbank Den Haag bepaald in de eerste uitspraken over de nieuwe regels voor nareis.
Sinds 12 juni gelden in Nederland strengere voorwaarden voor gezinshereniging. Vooral asielzoekers die een zogenoemde subsidiaire beschermingsstatus hebben gekregen, worden daardoor geraakt. Zij zijn niet erkend als vluchteling, maar hebben wel bescherming gekregen omdat terugkeer naar hun land een reëel risico op ernstige schade oplevert.
Onder de nieuwe regels moeten mensen met zo'n status in beginsel twee jaar wachten voordat hun gezinsleden mogen nareizen. Ook gelden een inkomens- en huisvestingseis. Bovendien is de groep familieleden die voor nareis in aanmerking komt beperkt. Volgens de IND raken de nieuwe regels ruim 19.000 aanvragen die al vóór 12 juni waren ingediend en waarop nog geen beslissing was genomen.
De rechtbank behandelde zaken van Syriërs die hun aanvragen onder de oude regels hadden ingediend. Zij vonden dat hun verzoeken daarom ook volgens die regels moesten worden beoordeeld. De rechter gaat daar niet in mee. Volgens de rechtbank is het toepassen van de nieuwe regels op oudere aanvragen niet in strijd met hogere wetgeving of algemene rechtsbeginselen.
Daarmee krijgt het kabinet op een belangrijk juridisch punt gelijk. Toch betekent de uitspraak niet dat de minister oude aanvragen zonder verdere beoordeling kan afwijzen. De rechtbank oordeelde dat in de behandelde zaken onvoldoende rekening was gehouden met de individuele belangen van de betrokken gezinnen. De minister moet daarom binnen zes weken nieuwe besluiten nemen.
De IND had de behandeling van een groot aantal nareisaanvragen tijdelijk stilgelegd in afwachting van duidelijkheid van de rechter. De dienst selecteerde enkele tientallen zaken om de nieuwe regels juridisch te laten toetsen.
De uitspraak is nog niet definitief. Tegen de beslissing kan hoger beroep worden ingesteld bij de Raad van State.



















































