Volkskrant verwijdert kritische column over Femke Halsema binnen een dag

De Volkskrant heeft een kritische column over de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema verwijderd. Het stuk van columnist Izz ad-Din Ruhulessin verscheen gisteren onder de titel 'Hoe Femke Halsema Amsterdam verbond met de beulen van Teheran'. Hij bekritiseerde daarin een brief die Halsema op LinkedIn had gedeeld en waarin een vers uit de Koran stond. De column is ondertussen offline gehaald. Het is nog onduidelijk wat hier de reden van is.
Halsema publiceerde de brief volgens de columnist na de agressie tegen supporters van de Israëlische voetbalclub Maccabi Tel Aviv. In de boodschap stond dat moslims en joden ‘neven’ zijn. Ook werd in de brief de volgende Koranvers aangehaald: ‘Wie een ziel doodt, anders dan voor doodslag of corruptie op aarde, dan is het alsof hij de hele mensheid heeft gedood.’ Halsema had daar ‘weinig aan toe te voegen’.
Kritiek op begrip ‘corruptie op aarde’
Ruhulessin stelt dat juist de woorden ‘corruptie op aarde’ problematisch zijn. Volgens hem wordt de Arabische term fasad fil-ard binnen islamitische regimes gebruikt voor onder meer ketterij, afvalligheid, homoseksualiteit en het niet dragen van een hoofddoek. Hij wijst erop dat daarop in landen als Iran en Saoedi-Arabië de doodstraf kan staan.
De columnist schrijft dat in Amsterdam mensen wonen die door het Iraanse regime zijn vervolgd. Sommigen zouden de aanklacht ‘corruptie op aarde’ hebben teruggelezen in doodvonnissen tegen henzelf of hun familieleden. Ruhulessin vindt het daarom onbegrijpelijk dat dezelfde woorden in officiële communicatie van de Amsterdamse burgemeester terugkomen.
Hij gebruikt daarbij een scherpe vergelijking: ‘Het is alsof je boven de poort van de kibboets schrijft dat arbeid vrij maakt.’ Volgens hem had de gemeente beter moeten onderzoeken welke betekenis het aangehaalde vers kan hebben. Hij stelt dat de boodschap slachtoffers van islamitische regimes juist kan raken.
Geen reactie van krant of columnist
Ruhulessin schrijft dat de woordvoerder van Halsema hem twee ‘bureaucratische meesterwerken van non-reacties’ stuurde. Ook de gemeenteraad zou volgens hem geen duidelijke actie hebben ondernomen. D66 zou hebben erkend dat het vers als steun voor de doodstraf kan worden gelezen, maar het ‘contraproductief’ vinden om Halsema daar publiekelijk op aan te spreken.
De columnist besluit met oudere woorden van Halsema zelf. ‘De hartstocht die wij terecht aan de dag leggen om praktiserende homoseksuelen toegang te geven tot het reformatorische onderwijs en SGP-vrouwen tot de Kamer, moeten wij ook ten toon spreiden om islamitische homo’s en vrouwen hun vrije keuzes te kunnen laten maken.’
























































