Amsterdam stevent af op megaschuld van 11 miljard euro

De gemeente Amsterdam dreigt de komende jaren tegen een belangrijke financiële grens aan te lopen. De schuld stijgt volgens de nieuwste begroting naar 10,9 miljard euro in 2030. Daarmee komt de hoofdstad boven het niveau waarop banken mogelijk niet meer onbeperkt geld willen uitlenen. Ondertussen lopen de jaarlijkse rentekosten op tot bijna 300 miljoen euro. Het stadsbestuur wil duizenden ambtelijke banen schrappen om de financiën onder controle te krijgen, maar het is onzeker of die ingreep voldoende oplevert.
De schuldenlast van Amsterdam groeit in hoog tempo. Eind 2025 bedroeg die ongeveer 7,8 miljard euro. In de nieuwe begroting 2027 wordt voor 2030 rekening gehouden met 10,9 miljard euro.
Dat betekent dat de schuld in vijf jaar met ruim drie miljard euro toeneemt. De gemeente leent vooral geld om grote investeringen te betalen. Maar de stijgende rente en de mogelijke grenzen bij kredietverstrekkers maken die aanpak steeds ingewikkelder.
Banken kunnen financiering beperken
Een belangrijk deel van de Amsterdamse leningen komt van BNG Bank en de Nederlandse Waterschapsbank. Deze banken verstrekken financiering aan overheden en andere publieke instellingen.
Volgens eerdere begrotingsstukken kan bij een schuld van ongeveer tien miljard euro een concentratierisico ontstaan. Daarbij heeft een bank zoveel geld aan één klant uitgeleend dat verdere uitbreiding van de financiering problematisch kan worden.
De grens is geen wettelijk maximum voor de gemeentelijke schuld. Ook betekent het bereiken ervan niet automatisch dat Amsterdam geen nieuwe leningen meer kan afsluiten. Wel bestaat onzekerheid over de voorwaarden waaronder de gemeente straks nog geld kan lenen.
VVD-fractievoorzitter Daan Wijnants waarschuwde daar eerder voor in het programma Park Politiek. "Als je straks op tien miljard zit, dan zegt de Bank Nederlandse Gemeenten, die het grootste deel van de Amsterdamse schuld financiert, 'dit kunnen we niet meer dragen'", stelde hij.
Of de bank daadwerkelijk zo zal reageren, is niet bekend. Volgens de gemeentelijke begrotingsstukken hangt de beschikbare financiering van meer factoren af dan alleen de hoogte van de schuld.
Bijna 300 miljoen euro rente per jaar
De gevolgen van de stijgende schuld zijn nu al zichtbaar in de rentelasten. In 2025 betaalde Amsterdam ongeveer 105 miljoen euro aan rente. Volgens de nieuwe ramingen kan dat bedrag in 2030 oplopen tot bijna 300 miljoen euro. Daarmee worden de jaarlijkse rentekosten bijna drie keer zo hoog.
Bestuurskundige Tom Overmans, gespecialiseerd in gemeentelijke financiën, legt tegenover AT5 uit dat de rente een steeds groter deel van de begroting opslokt. Waar rente eerder ongeveer één procent van de gemeentelijke uitgaven vormde, kan dat aandeel volgens hem oplopen tot meer dan 3,5 procent.
"Dat geld kan je niet uitgeven aan andere onderdelen die politiek wenselijk zijn, die belangrijk zijn voor de stad of nodig zijn voor de stad", zegt Overmans. Het risico is daarmee dat een groter deel van het gemeentelijke budget opgaat aan het betalen van eerdere investeringen, terwijl er minder ruimte overblijft voor nieuwe plannen.
College wil 2.500 ambtelijke banen laten verdwijnen
Om de financiële druk te verminderen, heeft het Amsterdamse college een omvangrijke reorganisatie aangekondigd. De gemeente wil het ambtenarenapparaat met 2.500 voltijdbanen verkleinen. Volgens het stadsbestuur moet de organisatie efficiënter gaan werken en moet meer geld beschikbaar blijven voor de uitvoering van gemeentelijke taken.
De operatie moet in 2030 een structurele besparing van ongeveer 250 miljoen euro opleveren. Maar de uitvoering loopt nu al vertraging op. Het college wilde aanvankelijk dat begin 2027 een eerste besparing van 625 voltijdbanen was gerealiseerd. Dat tijdschema blijkt niet haalbaar.
Wethouder Hendrik Jan Biemond (Financiën) maakte bij de presentatie van de begroting duidelijk dat de financiële basis van de gemeente moet worden versterkt. "Met deze begroting kiezen we voor de basis op orde. We willen zorgvuldig en effectief zijn, zodat we ook in de toekomst een stad blijven waar het voor iedereen goed wonen, werken en leven is", verklaarde hij. Of de reorganisatie op tijd voldoende geld oplevert, moet de komende jaren blijken.
Gemeente bezit ook veel waardevolle bezittingen
Toch is de totale schuld volgens deskundigen niet voldoende om te bepalen of Amsterdam financieel gezond is. De gemeente gebruikt geleend geld namelijk voor investeringen die waarde kunnen opleveren, zoals infrastructuur, grond en publieke voorzieningen.
Volgens bestuurskundige Overmans moeten schulden daarom altijd worden bekeken in verhouding tot de bezittingen van een gemeente. "Het is nooit eerlijk om alleen naar schulden te kijken. Je moet altijd schulden afzetten tegen de bezittingen", verklaart hij.
Een stad kan door te lenen bijvoorbeeld investeren in voorzieningen die tientallen jaren meegaan. Dat kan verantwoord zijn zolang de gemeente voldoende inkomsten heeft om de rente en aflossingen te betalen.
Het gaat volgens Overmans dus niet alleen om de vraag hoeveel geld Amsterdam heeft geleend, maar ook om de waarde die daartegenover staat.
Investeringen kunnen toekomstige kosten voorkomen
Ook stadseconoom Najah Aouaki wijst op de maatschappelijke voordelen van investeringen. Zij noemt onder meer de Wijk Transitie Hub in de K-buurt in Amsterdam-Zuidoost. Deze plek biedt buurtbewoners ruimte om mee te denken over ontwikkelingen in hun omgeving.
De hub kwam mede tot stand dankzij gemeentelijke investeringen. "Met zo'n investering investeer je ook in de lokale infrastructuur, zodat bewoners en organisaties een actieve rol kunnen oppakken", zegt Aouaki tegen AT5.
Volgens haar moeten gemeenten niet uitsluitend kijken naar kosten die direct zichtbaar zijn. Investeringen kunnen ook bijdragen aan het voorkomen van grotere maatschappelijke problemen in de toekomst.
"Wat je eigenlijk wil is dat de gemeente haar rol pakt als maatschappelijk investeerder", stelt zij. Daarmee verdedigt zij het belang van publieke investeringen, ook wanneer daar leningen voor nodig zijn.
Financiële ruimte wordt steeds kleiner
De gemeente staat daardoor voor een lastige keuze. Nieuwe investeringen kunnen noodzakelijk zijn voor een groeiende stad, maar zorgen tegelijkertijd voor hogere schulden en rentelasten.
In de officiële begroting benadrukt Amsterdam dat de schuldontwikkeling moet worden beheerst. De gemeente maakt daarbij onderscheid tussen schulden die samenhangen met erfpacht en schulden voor andere investeringen.
Ook kijkt het college naar de verhouding tussen schulden en inkomsten. Die is belangrijker voor de financiële draagkracht dan alleen het totale schuldbedrag.
De hogere rente maakt het echter moeilijker om bestaande plannen zonder aanpassingen voort te zetten. Daarom worden investeringen opnieuw beoordeeld en moet de aangekondigde reorganisatie geld vrijmaken.
Wanneer de financiële ruimte verder afneemt, kan dat gevolgen hebben voor de snelheid waarmee projecten worden uitgevoerd.
Gemeenteraad moet keuzes maken
Begin november bespreekt de Amsterdamse gemeenteraad de begroting voor 2027. Daarbij zal niet alleen de hoogte van de schuld ter discussie staan, maar ook de vraag welke investeringen nog verantwoord zijn en hoe de gemeente de rentelasten onder controle wil houden.
De oppositie maakt zich zorgen over de oplopende schuld en de afhankelijkheid van banken. Het college benadrukt dat eerdere investeringen noodzakelijk waren en dat de stad ook de komende jaren moet blijven investeren.
Vaststaat dat Amsterdam volgens de huidige financiële plannen richting een schuld van bijna elf miljard euro gaat. Tegelijk worden de jaarlijkse rentelasten naar verwachting bijna verdrievoudigd.
Of de besparingen op het ambtenarenapparaat en de strengere beoordeling van investeringen voldoende zijn om die ontwikkeling af te remmen, is nog onzeker. Daarmee wordt de komende begrotingsbehandeling belangrijk voor de financiële koers van de hoofdstad.





















































