De selectieve blindheid van Sharon Dijksma

Toen ik las dat de Utrechtse burgemeester Sharon Dijksma bewust geen aangifte deed van de bestorming van de raadszaal door Pro-Palestijnse demonstranten en Extinction Rebellion-aanhangers, dacht ik even: dit is het zoveelste voorbeeld van bestuurders die wegkijken, onderdeel van de selectieve rechtsstaat waarin wij inmiddels lijken te leven. Maar toen raadslid Yvonne Hessel wél aangifte deed, de politie onderzoek instelde, het dossier naar het Openbaar Ministerie stuurde en dat dossier daar vervolgens simpelweg 'zoekraakte', kreeg ik toch het sterke vermoeden dat er meer speelde.
U denkt misschien: wat slordig dat zo'n dossier zoekraakt. En dat is zonder meer het geval. Dit is ambtelijke nalatigheid en onzorgvuldigheid met een hoofdletter. Maar wanneer u iets verder uitzoomt, ziet u misschien iets anders. Iets wat veel zorgelijker is dan slordigheid alleen. Het gaat namelijk om een patroon. Een patroon waarin ordeverstoorders die de bestorming van een democratische instelling tot politiek instrument maken, opvallend vaak op begrip of terughoudendheid van de overheid kunnen rekenen.























































