Arnhem gaf moskee voorkeursbehandeling bij verkoop schaarse grond

De gemeente Arnhem verkocht schaarse bedrijfsgrond rechtstreeks aan de stichting achter de Ayasofya-moskee, terwijl ook andere bedrijven het perceel wilden kopen. De grond kwam niet openbaar op de markt, een exclusieve reservering liep tussentijds af en de definitieve koopovereenkomst volgde pas jaren later. Dat roept vragen op over de manier waarop Arnhem zijn eigen grondregels toepast.
Het gaat om een kavel aan de Westervoortsedijk. Arnhem beschikte daar in 2020 over drie stukken grond. De gemeente schreef zelf dat bedrijfsgrond schaars was en de vraag toenam, meldt Arnhemse Courant.
Twee kavels werden op de markt gebracht voor bedrijven. Voor het derde perceel koos het college een andere bestemming: daar moest de nieuwe Ayasofya-moskee komen. Op dat moment mocht er volgens het bestemmingsplan nog helemaal geen moskee worden gebouwd. Dat werd later aangepast.
Nog voordat de stichting achter de moskee een exclusief recht kreeg, hadden andere partijen zich al gemeld. Minstens twee bedrijven wilden de grond kopen, waaronder vastgoedontwikkelaar Triavesta.
Toch organiseerde Arnhem geen openbare verkoop. Op 21 januari 2021 kreeg de stichting achter de moskee het exclusieve recht op de kavel.
Reservering verliep, verkoop ging toch door
Daarna liepen meerdere termijnen af. De reserveringsovereenkomst gold twaalf maanden. Nadat het nieuwe bestemmingsplan in maart 2023 definitief werd, moest bovendien binnen een maand een koopovereenkomst worden getekend. Dat gebeurde pas op 13 januari 2025, bijna 21 maanden later.
Intussen had de Hoge Raad in het Didam-arrest duidelijk gemaakt dat overheden bij grondverkoop het gelijkheidsbeginsel moeten naleven. Zijn er meerdere serieuze gegadigden, dan moeten die in beginsel een eerlijke kans krijgen om mee te dingen.
Arnhem stelde dat de reservering voor de moskee al vóór dat arrest was gesloten. De Hoge Raad heeft later echter verduidelijkt dat die gelijkheidsregels ook daarvoor al golden. Bovendien was de reservering inmiddels verlopen en bestond er nog geen koopovereenkomst.
Dat betekent niet automatisch dat de verkoop onrechtmatig was. Wel ligt de vraag voor de hand waarom andere bekende gegadigden na het verlopen van de reservering geen nieuwe kans kregen.
Woo-stukken bleken toch te bestaan
Ook de informatievoorziening viel op. Bij een Woo-verzoek naar stukken over andere belangstellenden antwoordde Arnhem aanvankelijk dat die documenten er niet waren, meldt Arnhemse Courant. Later bleek dat Triavesta de gemeente schriftelijk had benaderd en dat Arnhem daarop had gereageerd. Het college erkende vervolgens ook dat zich twee bedrijven hadden gemeld.
Politieke context rond Marcouch
De Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch (PRO) heeft zich vaker ruimhartig opgesteld tegenover religieuze uitingen. Onder zijn bestuur maakte Arnhem bijvoorbeeld mogelijk dat boa’s onder meer een hoofddoek bij het uniform mogen dragen. Volgens de Marcouch 'bestaat er eigenlijk geen scheiding tussen kerk en staat', zei hij eerder in een FD-interview.
Bij Koranverbrandingen koos de Arnhemse burgemeester eveneens een harde lijn. In 2024 verbood hij een aangekondigde Pegida-demonstratie vanwege ernstige wanordelijkheden en een concrete terroristische dreiging. Ook pleitte hij landelijk voor een verbod op Koranverbrandingen. De rechter verkortte een door Marcouch opgelegd gebiedsverbod aan Pegida-voorman Edwin Wagensveld enorm: zes maanden werd teruggebracht naar drie weken. Die voorbeelden bewijzen echter niet dat de moskee dankzij Marcouch een voorkeursbehandeling kreeg. Daarvoor ontbreekt bewijs.






















































