Eerst Rusland beschuldigen, daarna pas bewijzen zoeken

De politieke heisa rond Leipzig laat vooral zien hoe schaamteloos politici een onbewezen beschuldiging als vaststaand feit kunnen verkopen. Het bewijs is nauwelijks openbaar, maar de schuldige staat al vast en de sancties volgen meteen. Rusland is daarbij een dankbare zondebok. Na Nord Stream zouden we beter moeten weten: ook toen wees de Europese bestuursmacht fanatiek naar Rusland, terwijl het onderzoek uiteindelijk naar Oekraïne wees. Wie eerst de schuldige aanwijst en daarna pas het bewijs zoekt, informeert het publiek niet — die stuurt het.
Er is in Europa een merkwaardige wetmatigheid geslopen: hoe dunner het bewijs, hoe dikker de zekerheid. Afgelopen dinsdag was het weer raak. Berlijn stelde officieel vast dat Rusland verantwoordelijk is voor de explosievendrone die begin augustus naast Oekraïense vrachttoestellen op de luchthaven Leipzig/Halle werd aangetroffen. Minister Dobrindt sprak van een bewezen Russische verantwoordelijkheid, tilde het nationale dreigingsniveau van "algemeen" naar "hoog" en kondigde de sluiting aan van het Russische consulaat in Bonn en het Russische Huis in Berlijn. Vrijwel gelijktijdig rolde er een lawine aan verklaringen over Europa heen: een dozijn regeringsleiders en EU-chefs die, tot in de formuleringen toe, exact hetzelfde verhaal vertelden — hybride aanval, intimidatie, eenheid, méér steun aan Oekraïne. Nederland ontbood de Russische ambassadeur, Finland deed hetzelfde, en Brussel bereidt sancties voor tegen zo'n 1.600 personen en bedrijven. Eén ding ontbrak in dit strak geregisseerde koor: het bewijs.




















































