Nederland werkte mee aan politieke EU-censuur voor Tweede Kamerverkiezingen

De Nederlandse overheid komt nadrukkelijk in beeld in nieuw vrijgegeven documenten over politieke contentmoderatie op sociale media. Uit Amerikaanse overheidsstukken blijkt dat Nederland, via Europese structuren en nationale ministeries, betrokken was bij overleg met platforms over het verwijderen en beperken van online berichten in politiek gevoelige perioden. Het gaat onder meer om de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2023 en de nasleep van de coronaperiode. Volgens het Amerikaanse rapport was er in de afgelopen jaren tweemaal sprake van Europese 'verkieizingsinterferentie' in Nederland.
De stukken werden dinsdag gepubliceerd door de Justitiecommissie van het Huis van Afgevaardigden, die begin 2025 dagvaardingen uitvaardigde aan technologiebedrijven. De commissie kreeg inzage in interne communicatie tussen platforms en Europese toezichthouders. Het is inmiddels de tweede grote documentvrijgave over dit onderwerp, met als titel 'De buitenlandse censuurdreiging, deel II: Europa’s tien jaar durende campagne om het mondiale internet te censureren en hoe dit de vrijheid van meningsuiting van Amerikanen in de Verenigde Staten schaadt'.
De documenten werpen nieuw licht op de manier waarop Europese regelgeving, zoals de Digital Services Act (DSA), in de praktijk werd toegepast. Daarbij kregen nationale overheden een rol als zogeheten trusted flagger, met voorrang bij het melden van ongewenste content. In Nederland betrof dit het ministerie van Binnenlandse Zaken, destijds onder verantwoordelijkheid van Hugo de Jonge.
Volgens het Amerikaanse onderzoeksrapport was er in 2023 en 2025 sprake van Europese 'verkieizingsinterferentie' in Nederland. Letterlijk staat er: 'Tussen 2023 en 2025 ging de Commissie in overleg met platforms en oefende zij druk uit om voorafgaand aan nationale verkiezingen in Moldavië, Nederland, Frankrijk, Ierland en Roemenië agressief content te censureren.' Ook wordt Nederland genoemd in onderstaand kaartje over 'Europese verkiezingsinterfentie', naast landen als Frankrijk, Ierland, Slowakije, Roemenië en Moldavië.

Van overlegtafels naar bindende regels
De Europese aanpak begon al rond 2015. De Commissie introduceerde toen zogenoemde vrijwillige gedragscodes tegen desinformatie. Formeel ging het om zelfregulering. In interne mails van technologiebedrijven wordt echter een ander beeld geschetst. Medewerkers schrijven dat zij nauwelijks ruimte zagen om af te wijken van de wensen van Brussel.
Die druk werd later wettelijk verankerd via de Digital Services Act. Deze wet verplicht platforms om risico’s voor “het publieke debat” te beperken. Bedrijven die dat niet doen, riskeren hoge boetes. In de praktijk leidde dit tot strengere regels voor politieke content, ook als die legaal was.
🚨The EU Censorship Files, Part II
— House Judiciary GOP 🇺🇸🇺🇸🇺🇸 (@JudiciaryGOP) February 3, 2026
For more than a year, the Committee has been warning that European censorship laws threaten U.S. free speech online.
Now, we have proof: Big Tech is censoring Americans’ speech in the U.S., including true information, to comply with Europe’s… pic.twitter.com/Fg0gxzoTxD
Coronaperiode als versneller
Tijdens de coronaperiode nam de bemoeienis verder toe. Al in 2020 riepen Commissievoorzitter Ursula von der Leyen en vicevoorzitter Vera Jourová platforms op om berichten te verwijderen die afweken van het officiële beleid rond het virus en vaccinaties.
Vanaf 2022 werd dit structureel. Onder de zogeheten Disinformation Code organiseerde de Commissie meer dan negentig bijeenkomsten met platforms in twee jaar tijd. In die gesprekken werd aangedrongen op snelle verwijdering van berichten over coronabeleid, vaccins en overheidsmaatregelen.
Extra toezicht rond verkiezingen
De documenten laten zien dat de Commissie ook actief was rond nationale verkiezingen. In minstens acht verkiezingen in zes EU-landen vond voorafgaand overleg plaats met platforms over extra moderatiemaatregelen in de dagen voor de stemming.
Nederland wordt daarbij expliciet genoemd. Voorafgaand aan de Tweede Kamerverkiezingen van 2023 sprak de Commissie met TikTok over mogelijke “risico’s” voor het verkiezingsproces.
Nederlandse overheid had voorrangspositie
Opvallend is de rol van het Nederlandse ministerie van Binnenlandse Zaken. Dat ministerie werd onder de DSA aangewezen als zogenoemde trusted flagger. Die status geeft overheidsinstanties de mogelijkheid om meldingen te doen die met voorrang door platforms worden behandeld.
Ten tijde van de verkiezingen stond het ministerie onder leiding van Hugo de Jonge. Volgens de Amerikaanse commissie levert dit een spanningsveld op. Een ministerie dat zelf onderdeel is van het politieke proces kreeg directe invloed op wat online zichtbaar bleef, juist in een periode waarin kiezers zich een oordeel moesten vormen.
De meldingen hadden onder meer betrekking op populistische uitingen, kritiek op de EU en het migratiebeleid, politieke satire en memes.

Roemenië: twijfel over buitenlandse inmenging
Het rapport besteedt ook aandacht aan de Roemeense presidentsverkiezingen van 2024. TikTok meldde aan de Europese Commissie dat het geen bewijs had gevonden voor een gecoördineerde Russische desinformatiecampagne rond kandidaat Călin Georgescu.
Later bleek dat zijn campagne werd gefinancierd door een andere Roemeense politieke partij. Toch werden de verkiezingsuitslagen ongeldig verklaard vanwege vermeende buitenlandse beïnvloeding. De Amerikaanse commissie plaatst daar vraagtekens bij.
Felle reacties op de onthullingen
De publicatie leidde tot scherpe reacties in Nederland. Jurist Eva Vlaardingerbroek stelt dat de documenten laten zien hoe Europese instellingen actief hebben ingegrepen in nationale verkiezingen via sociale media. Volgens haar vormt dit “een fundamentele aantasting van de democratische rechtsorde”.
Oud-Europarlementariër Rob Roos vraagt zich af: “Wie bewaakt hier eigenlijk de democratie? Of beter gezegd: hoe corrupt wil je het hebben?”
Vastgoedondernemer Erik de Vlieger schrijft: “We leven officieel in een fascistisch gekkenhuis.”
Econoom Wouter Roorda wijst op de bredere context: “Dus eerst betaalt de Europese Commissie via Frans Timmermans miljarden euro’s aan ngo’s om een bepaalde boodschap te verspreiden. En nu blijkt dat sociale-mediaplatforms worden gedwongen om onwelgevallige boodschappen juist te blokkeren.”




















































