FVD wil uitleg over AIVD-rapport dat remigratie koppelt aan rechts-extremisme

Forum voor Democratie wil opheldering van het kabinet over een nieuw rapport van de AIVD en de NCTV over rechts-extremisme. Kamerlid Iem Al Biyati heeft 32 schriftelijke vragen ingediend. De centrale kwestie: waar ligt volgens de veiligheidsdiensten de grens tussen rechts-extremistisch gedachtegoed en standpunten die onderdeel zijn van het gewone politieke debat? Vooral de manier waarop termen als remigratie, nationale tradities en kritiek op diversiteitsbeleid in het rapport voorkomen, roept bij FVD vragen op.
Aanleiding is het rapport Achter de façade, dat AIVD en NCTV deze week publiceerden. Daarin waarschuwen de diensten voor „strategische normalisering” door een deel van de rechts-extremistische beweging. Hun analyse is dat extremisten soms bewust gematigde taal gebruiken om verdergaande denkbeelden maatschappelijk acceptabeler te maken. De diensten stellen dat zulke groepen vaker aansluiting zoeken bij onder meer politiek, media, demonstraties en universiteiten.
Wie bepaalt wat ‘uiterst rechts’ is?
Al Biyati wil allereerst weten welke definities daarbij precies worden gebruikt. In de Kamervragen vraagt zij naar het onderscheid tussen „uiterst rechts”, „rechts-extremistisch” en „extreemrechts”. Ook vraagt ze welke objectieve criteria worden gebruikt om een persoon, beweging of politieke partij als „uiterst rechts” aan te merken.
Dat raakt aan een bredere discussie over het rapport. De AIVD omschrijft rechts-extremisme als gedachtegoed waarin volgens de dienst onder meer ongelijkwaardigheid en witte superioriteit een centrale rol spelen. Tegelijk gaat de analyse ook uitgebreid in op onderwerpen die breder voorkomen in het politieke debat, zoals migratie, identiteit en nationale tradities. De diensten zeggen nadrukkelijk dat niet ieder gebruik van zulke thema's extremistisch is. Hun waarschuwing richt zich op de manier waarop rechts-extremisten volgens hen bestaande maatschappelijke discussies proberen te benutten.
FVD vraagt juist hoe scherp dat onderscheid in de praktijk kan worden gemaakt. Zo wil de partij van het kabinet bevestigd krijgen dat voorstellen voor een asielstop, beperking van gezinshereniging, een strenger migratiebeleid of het stimuleren van vrijwillige terugkeer op zichzelf legitieme politieke standpunten zijn.
Het woord ‘remigratie’
Vooral remigratie krijgt veel aandacht. In het persbericht bij het rapport schrijven AIVD en NCTV dat het „van groot belang” is dat het niet normaal wordt om over remigratie te spreken „zonder te weten wat rechts-extremisten hiermee eigenlijk bedoelen”. Zij koppelen het begrip binnen die specifieke beweging aan gedwongen vertrek van groepen mensen.
Dat is echter de interpretatie die AIVD en NCTV geven aan het gebruik van het woord binnen rechts-extremistische kringen. Het begrip remigratie heeft op zichzelf een veel bredere en ook officiële betekenis. De AIVD erkende in zijn jaarverslag over 2025 zelf dat de term „op zichzelf neutraal” is. Nederland kende bovendien jarenlang een wettelijke regeling voor mensen die vrijwillig terugkeerden naar hun geboorteland.
Die Remigratiewet bestaat nog steeds. Sinds 1 januari 2025 kunnen geen nieuwe uitkeringen meer worden aangevraagd, maar bestaande remigratie-uitkeringen lopen door. Volgens de Sociale Verzekeringsbank gaat het daarbij om mensen die vanuit Nederland zijn teruggekeerd naar het land waar zij zijn geboren.
Precies dat verschil legt FVD aan het kabinet voor. Hoe wordt voorkomen dat iemand die met remigratie vrijwillige terugkeer bedoelt, in de publieke beeldvorming wordt verbonden aan een veel verdergaande betekenis die de veiligheidsdiensten bij bepaalde extremistische groepen signaleren?
‘Officiële taboe-lijst’
Al Biyati vraagt daarnaast naar de rol die een veiligheidsdienst überhaupt hoort te spelen in het politieke taalgebruik. Een van haar vragen luidt of het wenselijk is dat een inlichtingen- en veiligheidsdienst aangeeft „onder welke voorwaarden het gebruik van bepaalde woorden in het publieke debat als normaal mag gelden”.
Een andere vraag is nog directer. FVD vraagt het kabinet te bevestigen dat het niet aan de regering, AIVD of NCTV is om voor te schrijven welke woorden burgers mogen gebruiken. Mocht het kabinet dat niet kunnen bevestigen, dan vraagt Al Biyati of er dan een „officiële taboe-lijst” kan worden gepubliceerd met woorden die niet meer gebruikt mogen worden.
Conservatieve standpunten
De Kamervragen gaan verder dan alleen migratie. Al Biyati vraagt waarom het rapport ook conservatieve ideeën over man-vrouwverhoudingen, nationale tradities en kritiek op diversiteits- en inclusiebeleid bespreekt als mogelijke aanknopingspunten voor rechts-extremistische normalisering.
Ze vraagt het kabinet expliciet te bevestigen dat zulke conservatieve opvattingen op zichzelf niet extremistisch zijn. Ook wil ze weten hoe burgers zich bijvoorbeeld voor het behoud van christelijke tradities kunnen uitspreken zonder daardoor met extremisme te worden geassocieerd. Volgens Al Biyati kan juist zo’n ruime afbakening een chilling effect veroorzaken: burgers zouden legale standpunten of bepaalde woorden kunnen vermijden uit angst om als extremist te worden gezien.
























































