ABP verloor in vier jaar ruim 40 miljard op ‘bescherming’ van pensioen

Pensioenfonds ABP, het fonds voor overheid en onderwijs, heeft in vier jaar per saldo 40,6 miljard euro verloren op renteafdekking: contracten met banken die het fonds moeten beschermen tegen een dalende rente. Dat blijkt uit een optelling van de jaarcijfers over 2022 tot en met 2025, die ABP onder meer in zijn jaarverslag publiceerde. Op 1 januari 2027 stapt ABP over naar het nieuwe pensioenstelsel.
Lees ook

Energierekening is 1.100 euro duurder: kwart Nederlanders overweegt verwarming uit te zetten
Alleen al vorig jaar kostte de rente- en inflatieafdekking ABP 21,7 miljard euro, ofwel 4,0 procent rendement, staat in het kwartaalbericht van 29 januari. Daardoor eindigde het fonds over 2025 op een negatief rendement van 1,6 procent, een verlies van 8,5 miljard euro. Vóór alle afdekkingen leverden de beleggingen nog 1,4 procent op.
Ook in 2022 ging het mis. Toen de rente dat jaar hard steeg, verloor ABP 28,3 miljard euro op de afdekking. In 2023 en 2024 leverde die 8,4 en 1,0 miljard euro op. Per saldo staat er over vier jaar een verlies van 40,6 miljard euro.
Zo werkt de afdekking
Een pensioenfonds sluit met banken ruilcontracten af, zogeheten renteswaps. Die leveren geld op als de rente daalt en kosten geld als de rente stijgt. Het idee is dat toekomstige pensioenen duurder worden bij een lage rente; de contracten moeten dat opvangen.
ABP dekte eind 2025 49,1 procent van zijn renterisico af, precies evenveel als een jaar eerder, blijkt uit het jaarverslag.
Ook PFZW verloor miljarden
Bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) ging het in 2025 net zo. Dat fonds verloor 18,5 miljard euro op zijn renteafdekking en kwam uit op een rendement van min 3,9 procent. Zonder die afdekking was dat plus 5,4 procent geweest. Het verschil is „het directe gevolg van de rente afdekking”, schrijft PFZW in zijn jaarbericht.
Samen verloren de twee grootste pensioenfondsen van Nederland zo in één jaar ruim 40 miljard euro op hun afdekking. PFZW stapte op 1 januari over naar het nieuwe stelsel.
Sector diep onder water
Het speelt in de hele sector. In antwoorden op vragen van Eerste Kamerlid Martin van Rooijen (50PLUS) schreef VVD-minister Mariëlle Paul van Sociale Zaken op 30 oktober 2025 dat de rentecontracten van alle Nederlandse pensioenfondsen samen in het derde kwartaal van 2021 nog 59,5 miljard euro waard waren. In het derde kwartaal van 2023 stonden ze 121,3 miljard euro onder water. „In het tweede kwartaal van 2025 was de positie -91,4 miljard euro”, aldus de minister.
Een totaalbedrag aan winst of verlies voor de hele sector gaf de minister niet. „Er is geen publieke informatie beschikbaar over de winsten of verliezen”, schreef zij over de resultaten van alle fondsen samen op vastrentende waarden. Toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) vraagt het rendement op renteafdekking bij de fondsen ook niet meer op. De fondsen zetten hun eigen cijfers wel in hun jaarverslagen.
Van Rooijen zei op 12 mei in een debat in de Eerste Kamer dat de fondsen de rentecontracten „op het toppunt van de markt” hadden gekocht. NieuwRechts schreef eerder over de antwoorden van de minister.
Dekkingsgraad steeg wel
Tegenover het verlies staat dat een hogere rente de pensioenverplichtingen sterker laat dalen dan het vermogen. Daardoor steeg de dekkingsgraad van ABP, de verhouding tussen vermogen en verplichtingen, in 2025 van 111,7 naar 123,5 procent. Deelnemers merkten het verlies niet direct in hun uitkering: ABP verhoogde de pensioenen in januari met 2,84 procent.
Wel moesten de fondsen in de eerste helft van 2022 samen 82 miljard euro bijstorten als onderpand voor hun contracten, meldde DNB destijds. Daarvoor verkochten ze voor 88 miljard euro aan beleggingen.
Toen de rente jarenlang daalde, leverde dezelfde afdekking de sector juist veel op: tussen 2008 en 2020 zo'n 240 miljard euro, volgens een berekening in economenblad ESB. Het bedrag van 40,6 miljard euro is een optelling van de jaarcijfers van ABP; de afbakening tussen rente- en inflatieafdekking kan per jaar verschillen.
ABP wil op 1 januari 2027 overstappen met een dekkingsgraad van minimaal 110 procent. Eind maart stond die op 119,1 procent, blijkt uit de kwartaalcijfers. In het eerste kwartaal van dit jaar leverde de renteafdekking 0,5 miljard euro op.





















































