Britse regering wil ministers meer macht over internetbeleid en parlement omzeilen

De Britse regering werkt aan nieuwe maatregelen om technologiebedrijven sneller te kunnen reguleren. Twee wetswijzigingen moeten ministers de mogelijkheid geven om regels rond online veiligheid aan te passen zonder uitgebreide behandeling in het parlement. Daardoor zouden parlementsleden weinig gelegenheid hebben om de veranderingen te controleren, meldt Politico.
Premier Keir Starmer zegt dat zijn regering sneller wil handelen dan eerdere kabinetten. Volgens hem duurde het onder de vorige Conservatieve regering acht jaar voordat de Britse Online Safety Act werd aangenomen. De Labour-regering wil volgens hem sneller reageren op de snelle ontwikkelingen in technologie.
Tijdens een bijeenkomst met jongeren benadrukte Starmer dat de overheid nieuwe bevoegdheden heeft. ‘We hebben de bevoegdheden genomen om ervoor te zorgen dat we binnen maanden kunnen handelen, niet pas na jaren.' Volgens hem moet wetgeving gelijke tred houden met de snelheid van technologische veranderingen.
Nieuwe bevoegdheden voor ministers
De plannen geven ministers ruime bevoegdheden om bestaande wetten aan te passen. Een wijziging in de Wetsvoorstel inzake criminaliteit en politie zou een minister in staat stellen om de Online Safety Act vrijwel zelfstandig te veranderen. Dat zou kunnen gebeuren om risico’s van illegale door kunstmatige intelligentie gemaakte inhoud te beperken.
Een tweede wijziging gaat nog verder. In de Wetsvoorstel inzake het welzijn van kinderen en scholen krijgen ministers de mogelijkheid om bestaande wetten te wijzigen om de toegang van kinderen tot bepaalde internetdiensten te beperken.
Het ministerie voor Wetenschap, Innovatie en Technologie wil volgens eigen zeggen ‘in hoog tempo’ handelen. Een belangrijk onderwerp in het overleg is de vraag of sociale media verboden moeten worden voor jongeren onder de zestien jaar.
Kritiek op omzeilen parlement
De voorgestelde wijzigingen worden vaak aangeduid als zogenaamde Henry VIII-clausules. Daarmee kunnen ministers wetgeving aanpassen zonder dat er een volledige parlementaire behandeling nodig is. Volgens het Instituut voor Overheid gebruiken Britse regeringen deze instrumenten al decennia steeds vaker.
Toch is er kritiek van organisaties die zich inzetten voor burgerrechten. Zij vrezen dat de regering te veel macht naar zich toetrekt. Anna Cardaso van burgerrechtenorganisatie Liberty waarschuwt dat de plannen risico’s kunnen hebben voor de toekomst.
James Baker van de Open Rights Group zegt dat zulke bevoegdheden ook door toekomstige regeringen gebruikt kunnen worden. ‘Wanneer je een wet maakt, moet je nadenken over wat een toekomstige regering met die bevoegdheden kan doen. Een toekomstige regering kan andere motieven hebben of een heel andere opvatting van wat schade is.’
Kans op juridische procedures
Ook juristen verwachten dat de plannen tot rechtszaken kunnen leiden. Bedrijven uit de technologiesector en organisaties voor burgerrechten zouden nieuwe regels kunnen aanvechten. Volgens Oliver Carroll van advocatenkantoor Bird & Bird kan dat grote gevolgen hebben.
Hij waarschuwt tegenover Politico dat ruime bevoegdheden voor ministers juridische conflicten kunnen uitlokken. ‘Het onvermijdelijke gevolg van zo’n brede regelgevende vrijheid is een explosie aan rechtszaken.'
De wetswijzigingen worden eerst besproken in het Britse Lagerhuis. Door de ruime meerderheid van Labour lijkt de kans groot dat ze daar worden aangenomen. Daarna moeten de voorstellen nog door het Hogerhuis, waar mogelijk meer weerstand ontstaat.





















































