Celstraf voor Syrische asielzoeker na twee verkrachtingen in azc’s

De rechtbank Midden-Nederland heeft de Syrische asielzoeker Najem al K. (24) veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor het verkrachten van twee vrouwen, stalking en dwang. Opvallend is dat pas tegen het einde van zijn straf wordt beslist of hij in Nederland mag blijven. Ook is nog onduidelijk of toezicht na vrijlating daadwerkelijk kan worden uitgevoerd, meldt RTV Utrecht in een uitgebreid verslag.
De man leerde beide slachtoffers kennen via sociale media. In eerste instantie verliep het contact volgens de rechtbank normaal. Daarna sloeg het gedrag om. Hij werd controlerend en dwingend.
Toen de vrouwen de relatie beëindigden, accepteerde hij dat niet. In beide gevallen dwong hij hen om naar hem toe te komen in een asielzoekerscentrum. In Leersum bedreigde hij een slachtoffer met het versturen van “foto’s zonder hoofddoek naar haar familie”.
Daar verkrachtte hij haar. Na de verkrachting zei hij tegen haar: “Luister, ik heb jouw maagdheid genomen en misschien heb ik mijn kind in jou zitten. Mijn kind en jij gaan nergens heen en jij gaat bij mij blijven.”
Eerder al verkrachting in Wassenaar
Een half jaar eerder pleegde hij een soortgelijk misdrijf in een asielzoekerscentrum in Wassenaar. Ook daar ging het om een vrouw die de relatie had beëindigd. De rechtbank ziet hierin een duidelijk patroon van dwang en escalatie.
Volgens het Openbaar Ministerie zocht de verdachte na de verkrachtingen contact met familieleden van de slachtoffers. Hij probeerde zo druk uit te oefenen om een huwelijk af te dwingen.
De rechtbank neemt dat over. In het vonnis staat dat de man “doelbewust misbruik” maakte van de culturele en religieuze achtergrond van de vrouwen. Verkrachting werd ingezet als middel om controle terug te krijgen en een huwelijk af te dwingen.
Stalking en voortdurende intimidatie
Naast de verkrachtingen maakte de man zich schuldig aan stalking. Hij belde en stuurde berichten naar één van de slachtoffers honderden keren. Ook wachtte hij haar op bij school en werk. De rechtbank spreekt van “een stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer”. De verdachte nam geen verantwoordelijkheid en toonde geen inzicht in zijn gedrag.
De officier van justitie eiste acht jaar cel. De rechtbank legt vijf jaar op. Dat heeft te maken met psychische problemen en zwakbegaafdheid. Daardoor is de man volgens de rechter verminderd toerekeningsvatbaar. Naast de celstraf krijgt hij een contactverbod en moet hij de slachtoffers 10.000 en 15.000 euro schadevergoeding betalen.
De rechtbank legt ook een maatregel op voor langdurig toezicht na vrijlating. Daarmee kan de reclassering voorwaarden opleggen. Of dat daadwerkelijk gebeurt, is onzeker. De verdachte zit nog in een asielprocedure. Zijn verblijfsstatus is niet vastgesteld. De rechtbank schrijft hierover: “Pas tegen het einde van zijn gevangenisstraf wordt bekeken of hij in Nederland mag blijven en of het toezicht kan worden uitgevoerd.”

















































