Boer Bart stopt na jarenlange strijd met gemeente over regels

De Friese boerderij Boer Bart stopt. Na jaren van groei, investeringen en publiek succes trekken de eigenaren de stekker eruit. De directe aanleiding is een nieuwe boete van 5.000 euro, opgelegd ‘voor het verkopen van koffie en pannenkoeken’. Voor Bartele en Rianne Holtrop is dat de druppel. “Het heeft voor ons geen zin meer om door te gaan,” schrijven ze in een blogpost.
Wat resteert is een melkveehouderij. Het publieksconcept, waar duizenden bezoekers kwamen, verdwijnt. De ondernemers zeggen dat hun bedrijf is vastgelopen in regels, vergunningen en veranderende interpretaties van de gemeente.
Van duurzame droom naar publieksboerderij
Boer Bart begon in 2013 als een ambitieus landbouwproject. Bartele en Rianne Holtrop wilden een duurzame boerderij bouwen die gezond voedsel produceert en beter aansluit op natuur en omgeving. Ze kozen bewust voor een andere manier van boeren, als antwoord op milieuproblemen in de reguliere landbouw.
Al snel bleek dat dit model financieel lastig was vol te houden. De opbrengst bleef achter, terwijl kosten stegen. Daarom zochten ze naar manieren om meer waarde uit hun producten te halen. Ze begonnen met directe verkoop van eieren, melk, vlees en streekproducten. Ook organiseerden ze activiteiten op de boerderij.
Dat groeide uit tot een breder concept. In 2018 kwamen er een speeltuin, een keuken en zitplekken. Bezoekers konden eten, drinken en het boerenleven ervaren. Volgens de ondernemers paste dit binnen het bestemmingsplan, dat ruimte bood voor productiegebonden detailhandel.
Groei en erkenning
De formule sloeg aan. Gezinnen kwamen naar de boerderij, de dineravonden waren populair en het bedrijf groeide door. Boer Bart bood werk aan verschillende groepen en werd volgens de ondernemers zelfs als voorbeeld gebruikt door overheden en instanties.
In 2024 werden extra vergunningen aangevraagd. Er kwam onder meer een horecavergunning en toestemming voor aanpassingen op het erf. Volgens Holtrop verliep dat proces in overleg met de gemeente en binnen de regels. “Vanuit deze handelingen waren wij in de veronderstelling dat we ons keurig aan de regels hielden.”
Omslagpunt bij de gemeente
Die overtuiging kantelde eind 2025. Tijdens een gesprek op 30 oktober gaf de gemeente voor het eerst aan dat niet alleen de vergunningen, maar ook de bredere beschrijving van het plan handhaafbaar was. Dat had grote gevolgen, schreven Bartele en Rianne destijds.
Volgens de ondernemers werd hun bedrijf ineens als te groot en niet meer kleinschalig gezien. Activiteiten die eerder waren toegestaan, kwamen onder druk te staan. Zelfs zaken als online bestellingen zouden niet meer mogen.
Holtrop stelt dat hiermee een situatie ontstond waarin het bedrijf feitelijk niet meer kon draaien. De toegestane omvang kwam volgens hem neer op een minimale omzet. Daarmee viel de basis onder het bedrijf weg.
Boetes en beperkingen
Vanaf begin 2025 stapelden de problemen zich op. Toen delen van het bedrijf stil kwamen te liggen, probeerden de ondernemers via de winkel en een webshop nog inkomsten te genereren. Ook dat leidde tot handhaving en boetes.
Volgens de verklaring kregen zij zelfs boetes op dagen dat er geen bezoekers waren. Later volgde een nieuwe uitleg van de vergunning. Daarin werd onder meer gesteld dat horeca alleen nog tijdens dineravonden was toegestaan en dat dranken en snacks niet verkocht mochten worden, maar alleen kosteloos verstrekt.
Ook werd het aantal toegestane personeelsleden beperkt tot twee. Daarmee werd het volgens Holtrop onmogelijk om het bedrijf voort te zetten. De laatste boete van 5.000 euro gaf de doorslag. “Met deze beschrijving is het niet meer mogelijk om realistisch en duurzaam ons bedrijf door te zetten.”
Botsing over interpretatie van regels
De kern van het conflict ligt volgens de ondernemers in de uitleg van de regels. Zij gingen uit van de concrete voorschriften in vergunningen. De gemeente zou zich later zijn gaan baseren op bredere beschrijvingen.
Volgens Holtrop leidt dat tot een fundamenteel probleem. Ondernemers denken binnen duidelijke regels te werken, maar worden achteraf geconfronteerd met een andere interpretatie.
Ze erkennen dat er mogelijk fouten zijn gemaakt. “Het zal zo zijn dat we de afgelopen periode dingen fout hebben gedaan.” Tegelijk stellen ze dat de gevolgen buiten proportie zijn en dat hun bedrijf daardoor geen kans meer had.
Breder probleem voor platteland
De zaak raakt volgens de ondernemers aan een groter vraagstuk. Steeds meer boeren zoeken naar nieuwe verdienmodellen, omdat traditionele landbouw onder druk staat. Dat vraagt ruimte om te experimenteren.
Volgens Holtrop staat die ruimte onder druk als regels strikt of anders worden uitgelegd. “Onze boerderij leeft en is daarom ook niet in kaders te stellen. Het enige dat bij ons constant is, is de verandering.”
Hij waarschuwt dat deze zaak gevolgen kan hebben voor andere initiatieven. Negatieve jurisprudentie kan volgens hem innovatie remmen, terwijl een andere uitkomst juist ruimte kan geven aan nieuwe vormen van landbouw.
Einde van een concept
Voor Boer Bart komt die discussie te laat. Het bedrijf zoals bezoekers het kennen stopt. Het personeel is vertrokken, de activiteiten zijn stilgevallen en alleen de basis van het boerenbedrijf blijft over.
De ondernemers nemen afscheid met gemengde gevoelens. Ze bedanken bezoekers en betrokkenen voor de afgelopen jaren en bieden compensatie aan leden en klanten. “Boer Bart zoals jullie die kennen bestaat vanaf vandaag niet meer.”
















































