Orbán verlaat parlement na verkiezingsnederlaag en richt zich op heropbouw rechtse beweging

De Hongaarse oud-premier Viktor Orbán trekt zich terug uit het parlement na de verkiezingsnederlaag van zijn partij Fidesz. Hij kiest ervoor zijn zetel niet in te nemen en wil zich richten op de heropbouw van zijn politieke beweging. Daarmee komt een einde aan een lange periode waarin hij zowel parlementariër als regeringsleider was. Orbán zat decennialang in het Hongaarse parlement en was zestien jaar premier. Zijn partij verloor deze maand de verkiezingen. Sinds dat moment was onduidelijk welke rol hij nog zou spelen in de politiek. Met zijn besluit geeft hij richting aan zijn toekomst buiten de parlementaire arena.
In een videoboodschap licht Orbán zijn keuze toe. Hij zegt dat hij zijn zetel teruggeeft aan de partij om ruimte te maken voor een nieuwe fase. “Ik ben nu niet nodig in het parlement, maar bij de herstructurering van de patriottistische beweging.”
Volgens Orbán ligt zijn prioriteit bij het versterken en vernieuwen van het politieke kamp dat hij jarenlang heeft geleid. Hij sluit niet uit dat hij aanblijft als partijleider van Fidesz. Daarvoor moet hij wel steun krijgen op een aankomend partijcongres.
Orbán benadrukt zijn lange betrokkenheid bij de partij en haar achterban. “Ik heb onze gemeenschap bijna vier decennia geleid”, zegt hij. “Dit kamp is altijd de meest verenigde en hechte politieke gemeenschap van Hongarije geweest.” Met zijn vertrek uit het parlement verdwijnt een van de meest invloedrijke figuren uit de Hongaarse politiek tijdelijk uit het directe politieke debat. Tegelijk laat hij duidelijk weten dat hij nog niet klaar is met zijn rol binnen de beweging.



















































