De Grote Ongelijkmaker: een moralistisch politiek wapen
In een debat over de woningmarkt bij Pauw & De Wit introduceerde PRO-Kamerlid Haptamu de Hoop onlangs een nieuwe politieke term: de grote ongelijkmaker. Het is zo'n uitdrukking die op het eerste gezicht sympathiek klinkt. Wie kan immers vóór ongelijkheid zijn? Toch verraadt deze formulering veel meer dan waarschijnlijk de bedoeling was. Het legt namelijk een fundamenteel verschil bloot tussen twee visies op de samenleving, waarbij het kapitalisme heeft gezorgd voor welvaart en verschillen, en het socialisme het voor iedereen weliswaar gelijk, maar even uitzichtloos en slecht maakt. Haptamu de Grote Gelijkmaker zorgt ervoor dat Nederland nooit meer een Gouden Eeuw zal beleven!
De visie van De Hoop en de morele verontwaardiging waarmee die uiteen wordt gezet, gaat ervan uit dat verschillen tussen mensen, inkomens, vermogens en eigendommen in belangrijke mate een probleem zijn dat door de overheid moet worden gecorrigeerd. De tweede visie beschouwt vrijheid, eigendom en vrijwillige uitwisseling juist als voorwaarden voor welvaart en maatschappelijke vooruitgang. Het debat over de woningmarkt is bij uitstek een botsing tussen deze twee wereldbeelden. Dat maakt de term de grote ongelijkmaker zo interessant, en vooral problematisch, omdat het raakt aan de fundamenten van onze vrije samenleving, maar ook omdat het berust op een verkeerde diagnose van het woningprobleem. De woningmarkt is immers niet vastgelopen door een teveel aan vrijheid, maar juist door een structureel gebrek daaraan.





















































