Het einde van het begin of het begin van het einde van het Europese asielbeleid?

Op 11 maart 2025 introduceerde de Europese Commissie de voorgestelde herziening van de Terugkeerrichtlijn uit 2008. Het 42 pagina's tellende ontwerpdocument biedt een gemeenschappelijk, verplicht terugkeerkader voor de 27 lidstaten als oplossing voor het extreem lage percentage afgewezen asielzoekers dat terugkeert. Dat slechts twintig procent van degenen die een terugkeerbeslissing krijgen het grondgebied van de Europese Unie verlaten, is de achilleshiel van het Europese asielsysteem.
De paradox van het Europese asielbeleid
Dankzij de lage terugkeercijfers leven er miljoenen illegale migranten (ergens tussen de 2,8 en 3,5 miljoen) in de lidstaten, wat een enorme druk legt op de socialezekerheidsstelsels. De uitzichtloosheid van de situatie heeft sommige lidstaten ertoe aangezet om officieel - en deels tegen hun eerdere gerechtelijke beslissingen in - een speciale status in te stellen voor afgewezen asielzoekers. Duitsland creëerde bijvoorbeeld de categorie Duldung, waarvan alleen de omschrijving al paradoxaal lijkt, door te stellen dat “als je geen recht hebt om in Duitsland te verblijven en verplicht bent om het land te verlaten, er nog steeds redenen kunnen zijn waarom je een Duldung zou moeten krijgen”. Dit betekent dat Duitsland na een wettelijk bindende uitspraak zijn eigen wet overtreedt door een speciale status in te stellen in plaats van het uitzettingsbesluit uit te voeren.