Kabinet wil geen landelijk verbod op vlieg- en vleesreclames

De gemeente Amsterdam heeft besloten om reclame voor fossiele producten en vlees in de openbare ruimte te verbieden. Maar Minister Sophie Hermans (Klimaat en Groene Groei) laat weten dat een landelijk verbod niet wordt overwogen. Volgens haar is zoiets juridisch ingewikkeld, schrijft ze in haar beantwoording van Kamervragen van Partij voor de Dieren.
Hermans bevestigt dat zij op de hoogte is van het Amsterdamse besluit. Toch ziet zij geen directe lijn naar een nationaal reclameverbod. Volgens haar is een lokaal verbod “om meerdere redenen niet goed vergelijkbaar met het eventueel instellen van een nationaal verbod”.
Zij wijst op hogere juridische eisen bij landelijke wetgeving. Op nationaal niveau moet een verbod volgens haar proportioneel, robuust en effectief worden onderbouwd en afgebakend. Die toets ligt zwaarder dan bij een gemeentelijke maatregel.
Geen druk op gemeenten
De minister ontkent dat gemeenten worden gedwongen om zelf met verboden te komen. “Een nationaal verbod op fossiele reclames maakt op dit moment geen onderdeel uit van het maatregelpakket voor het nationale klimaatbeleid, noch wordt het instellen hiervan op dit moment overwogen,” schrijft zij.
Er is volgens haar dan ook “geen sprake van dwang richting gemeentes om zelf dergelijke verboden in te stellen”. Gemeenten hebben bestuurlijke vrijheid om hun eigen koers te bepalen.
Juridische hobbels
Op de vraag of het kabinet alsnog met een wetsvoorstel komt voor een landelijk verbod, is het antwoord duidelijk: nee. Hermans verwijst naar een eerdere kabinetsreactie uit 2024. Daarin werd gesteld dat een nationaal verbod “niet per definitie onmogelijk is”, maar dat er “diverse juridische uitdagingen en onzekerheden” zijn. Die maken invoering “op afzienbare termijn niet opportuun”. Volgens de minister is de juridische context sindsdien niet wezenlijk veranderd.
In de Kamervragen werd een vergelijking gemaakt met tabaks- en alcoholreclame, die landelijk zijn beperkt of verboden vanwege gezondheidsschade. Hermans waarschuwt voor die vergelijking. Er is volgens haar “geen duidelijke overeenkomst tussen beide categorieën van reclames wat betreft veronderstelde schade die deze teweeg brengen”.
Het verbod op tabaksreclame rust op specifieke juridische gronden. Tabak is schadelijk voor de volksgezondheid, verslavend en jongeren zijn er gevoelig voor. Bovendien gaat het om een duidelijk afgebakend product, verduidelijkt Hermans: “Dit zijn aspecten die niet of in mindere mate van toepassing zijn op een eventueel verbod op fossiele reclame.”
Reclame niet doorslaggevend volgens kabinet
De vraag of fossiele en vleesreclame consumptiepatronen normaliseert die botsen met de klimaatdoelen, beantwoordt Hermans ontkennend. “Hoewel bepaalde consumptiepatronen remmend kunnen werken op de realisatie van de nationale en internationale klimaatdoelen, is het niet waarschijnlijk dat één factor zoals reclame deze patronen zou veroorzaken,” schrijft zij. Zij verwijst daarbij naar wetenschappelijke inzichten.
Volgens het kabinet moet verduurzaming breder worden aangepakt. Duurzame keuzes moeten “goedkoper, makkelijker en comfortabeler” worden dan fossiele alternatieven. Alleen dan verschuiven consumptiepatronen.
Breder klimaatbeleid in voorbereiding
Het kabinet werkt aan een integrale aanpak om duurzame keuzes te stimuleren. In het Klimaatplan dat vorig jaar aan de Kamer is aangeboden, wordt een speciale aanpak aangekondigd. Daarin wordt met gedragsinzichten onderzocht hoe overheid en bedrijven duurzame keuzes beter kunnen faciliteren.
Er zijn al enkele maatregelen genomen. Zo wordt per 2028 een gedifferentieerd stroomtarief ingevoerd, waarbij gebruik buiten piekuren wordt beloond.
Over verdere stappen wil Hermans zich niet vastleggen. “Het is aan het nieuwe kabinet om de verdere uitkomsten van de aanpak met de Kamer te delen en een besluit te nemen over eventuele vervolgstappen.”























































