De Vos: 'Mediajacht op FVD-kandidaten leidt af van echte problemen'

De kandidatuur van Forum voor Democratie (FVD) bij de gemeenteraadsverkiezingen zorgt in meerdere steden voor politieke spanningen. Verschillende partijen kondigden aan niet met de partij te willen samenwerken vanwege omstreden uitspraken en achtergronden van enkele kandidaten. FVD-leider Lidewij de Vos reageerde uitgebreid op de ophef en stelde dat haar partij ten onrechte wordt neergezet als extremistisch. Volgens haar leidt de tumult af van de echte problemen die Nederlanders al jarenlang ervaren.
In Den Haag, Rotterdam, Nijmegen en Amsterdam hebben meerdere partijen verklaard dat zij geen coalitie willen vormen met FVD. Aanleiding zijn mediaberichten waarin kandidaten worden genoemd die in het verleden betrokken zouden zijn geweest bij radicale organisaties of omstreden uitspraken deden. De boycotdiscussie speelt zich af terwijl FVD met ongeveer 1100 kandidaten in 104 gemeenten deelneemt aan de verkiezingen.
Distantiëring van “antidemocratisch gedachtegoed”
In een videoboodschap stelde De Vos dat de partij expliciet afstand neemt van geweld en extremisme. “Forum voor Democratie steunt op geen enkele wijze antidemocratisch gedachtegoed. Wij zijn fel tegenstander van iedere vorm van geweld, haat of wat dan ook aan onverdraagzaamheid.” Volgens haar wordt in de berichtgeving onvoldoende onderscheid gemaakt tussen het officiële partijprogramma en oude uitlatingen van individuele kandidaten.
De partijleider benadrukte dat het verkiezingsprogramma volgens haar “glashelder” is en dat daarin “niets staat wat extremistisch of radicaal genoemd kan worden”. De partij positioneert zich volgens De Vos vooral als kritisch op immigratiebeleid, klimaatmaatregelen en Europese integratie, maar niet als antidemocratisch.
Democratie is een kwetsbaar samenspel tussen publieke opinie, media en politiek. Daarin is geen plaats voor hetze, karaktermoord of verdraaien van feiten of context. Afgelopen week ging het debat te vaak over beeldvorming, niet over beleid.
— Lidewij de Vos (@lidewij_devos) February 10, 2026
Een oproep aan media en kiezer: pic.twitter.com/ehJ0hoWEUc
Ophef over oude berichten en uitspraken
De Vos erkende dat sommige oude uitlatingen van kandidaten ongepast waren. “Een aantal van de grappen die ik voorbij heb zien komen, vond ik ronduit smakeloos. Die zou ik zelf nooit hebben gemaakt.” Tegelijk stelde zij dat veel van de berichten jaren oud zijn en dat mensen in de loop van de tijd van mening kunnen veranderen.
Volgens de partijleider hoort het bij de ontwikkeling van jongeren dat zij soms radicale ideeën onderzoeken. “Het is onderdeel van de normale volwassenwording van veel jongeren om radicale standpunten uit te proberen en te bediscussiëren.” Kandidaten die zich nu verkiesbaar stellen, committeren zich volgens haar aan het partijprogramma en de huidige lijn van FVD.
In haar reactie verwijst De Vos ook naar voorbeelden van politici uit andere partijen die in hun jeugd radicale standpunten innamen, maar later een politieke loopbaan kregen. Zij noemde onder meer Paul Rosenmöller, die in zijn jonge jaren sympathie zou hebben getoond voor de Cambodjaanse leider Pol Pot, en Jesse Klaver, bij wie in de periode dat hij voorzitter was van de GL-jongerenvereniging onderdelen voor explosieven én een ontstekingsmechanisme zouden zijn aangetroffen in het partijkantoor. Daarnaast verwees zij naar VVD'er Soumaya Sahla, die in het verleden werd veroordeeld voor lidmaatschap van een terroristische organisatie.
Met deze voorbeelden wilde De Vos illustreren dat oude activiteiten of uitspraken niet automatisch bepalend hoeven te zijn voor iemands latere politieke rol. Volgens haar geldt hetzelfde voor kandidaten op FVD-lijsten: mensen kunnen veranderen en oordelen moeten plaatsvinden op basis van hun huidige standpunten en gedrag.
Kritiek op boycot en mediaberichtgeving
De politieke boycot die in meerdere steden wordt overwogen, ziet De Vos als een zorgelijke ontwikkeling voor het publieke debat. Volgens haar verschuift de aandacht daardoor van inhoudelijke thema’s naar persoonlijke aanvallen. “Het niveau waarop het debat is beland vraagt om een principiële reactie,” zei zij. De Vos riep op tot een debat “dat zich richt op inhoud in plaats van op verdachtmaking en demonisering”.
De Vos zegt dat politieke tegenstellingen in een democratie onvermijdelijk zijn, maar dat het debat volgens haar steeds harder en persoonlijker wordt. Juist daarom pleit zij voor een terugkeer naar inhoudelijke discussies over beleid en toekomstvisies. “Een samenleving als de onze is broos. Vrijheden zijn kwetsbaar. Een inhoudelijk debat is harder nodig dan ooit.”






















































