Delftse raadsleden weigeren nieuwe FVD’ers de hand te schudden na benoeming

In de Delftse gemeenteraad zijn drie nieuwe commissieleden van Forum voor Democratie (FVD) bewust niet de hand geschud na hun benoeming. Meerdere raadsleden liepen de FVD’ers voorbij of verlieten de zaal om het moment te mijden. De kwestie zorgt voor ophef, omdat critici vinden dat politieke afkeer niet boven democratisch fatsoen mag komen te staan.
Door het hele land roept de aanwezigheid van Forum voor Democratie in gemeenteraden weerstand op bij met name (centrum)linkse partijen. In Nijmegen werd de partij geboycot. In Rotterdam wil de grootste fractie niet met Forum debatteren. Ook in Delft laait nu de discussie op over hoe gekozen en benoemde politici met elkaar moeten omgaan.
Respect voor democratische spelregels
In Delft werden drie nieuwe FvD-commissieleden en één commissielid van de SP beëdigd. De SP’er kreeg wel felicitaties. De drie FvD’ers kregen die van meerdere raadsleden niet, meldt het AD.
Raadsleden van PRO, D66 en de lokale partij Stip kozen daar bewust voor. Zij stellen dat FvD de democratische rechtsstaat niet respecteert. Andere politici verlieten de zaal om het moment te vermijden.
Volgens Kees Aarts, hoogleraar politieke instituties en gedrag aan de Rijksuniversiteit Groningen, gaat dat te ver. ‘Je hoeft geen fan te zijn van Forum, dat ben ik ook niet, maar het gaat te ver om te doen alsof het melaatsen zijn. Je kunt wel zeggen: ‘de kiezer heeft het zo niet bedoeld’, maar daarvoor moet je nu juist de discussie aangaan.’
Kritiek van PVV
Ook Marcel Koelewijn, commissielid van de PVV in Delft, reageert kritisch. In een bericht aan collega’s noemt hij de gang van zaken ‘een schoffering’. Volgens hem feliciteer je iemand niet omdat je het politiek met elkaar eens bent, maar uit respect voor de functie.
Koelewijn vindt dat politieke verschillen bij de raad horen. Wel moet volgens hem een basis van fatsoen overeind blijven. Hij noemt dat ‘de bodem onder de democratie’. ‘Als die wordt weggetrokken, blijft alleen nog vijanddenken over. Polarisatie begint wanneer raadsleden hun morele superioriteit belangrijker vinden dan democratisch fatsoen.’
Uitsluiting kan averechts werken
Aarts waarschuwt dat uitsluiting weinig oplost. Volgens hem slaat het weigeren van een handdruk het gesprek juist dood. ‘Je legt daarmee vast dat je de komende jaren niet met deze mensen wilt spreken. Dat gaat ver, zeker als er nog geen gesprek heeft plaatsgevonden.’
De hoogleraar verwijst naar het cordon sanitaire tegen Hans Janmaat van de Centrumdemocraten in de jaren tachtig. Dat betekende in de praktijk dat zijn partij consequent werd genegeerd. Volgens Aarts was dat ‘niet met groot succes overigens. Zijn gedachtegoed is niet verdwenen, eerder versterkt teruggekeerd.’
Burgemeester Alexander Pechtold vindt dat hij niet hoefde in te grijpen bij het weigeren van de handdruk. Volgens hem ligt de verantwoordelijkheid bij informele momenten bij de raadsleden zelf. Aarts waarschuwt dat deze houding de polarisatie kan vergroten: ‘Mensen gaan dieper in hun loopgraven zitten. De volgende verkiezingen worden dan een lakmoesproef. Als Forum groeit, zullen partijen zich moeten afvragen of deze aanpak werkt.’




















































