Kleinzoon van Boudewijn de Groot maakt liedje over Gaza: ‘Wereldleiders zijn clowns’

Stijn de Groot, de 19-jarige kleinzoon van Boudewijn de Groot, wil zich mengen in de traditie van het protestlied. In een interview met Het Parool vertelt de jonge singer-songwriter dat hij werkt aan muziek over de situatie in Gaza. Zijn nieuwe lied Iedereen bloedt rood is mede geïnspireerd door gesprekken met Palestijnse vrienden en frustratie over de politiek.
“Ik sprak veel met Palestijnse vrienden en voelde me echt gefrustreerd door de politiek”, zegt De Groot. “Ik bedoel: het is toch bizar wat voor clowns tegenwoordig wereldleiders zijn? Daar móét ik dan gewoon over schrijven.”
In het lied Iedereen bloedt rood betreurt De Groot onder meer de recente dood op de Iraanse opperayatollah. "Ik ben sprakeloos omtrent de situatie in Iran. Waar Khamenei de dood vond, omdat Trump zoiets nu eenmaal kan," luidt de liedtekst. Daarnaast zingt De Groot over een overleden moslim uit Israël: "Omdat hij vocht voor vrijheid, moet hij die vrijheid nu zoeken in de dood."
@stijnmuziek Iedereen bloedt rood
♬ origineel geluid - stijnmuziek
Daarmee treedt hij, bewust of onbewust, in de voetsporen van zijn beroemde grootvader. Boudewijn de Groot werd in de jaren zestig een icoon van de Nederlandstalige protestmuziek. Zijn kleinzoon zegt die vergelijking te kennen, maar benadrukt dat hij niet met die erfenis is opgegroeid als artistieke opdracht.
Van TikTok naar protestlied
Stijn de Groot staat in de lijst “De 26 van 26” van Het Parool, waarin jonge Amsterdamse talenten worden uitgelicht. Hij heeft inmiddels ongeveer 20.000 volgers op TikTok en trad op in de jubileumvoorstelling van Margreet Dolman in het Concertgebouw.
Muziek speelde al vroeg een rol. Als kind luisterde hij veel naar The Beatles. Later kwamen Pearl Jam en Bob Dylan daarbij. Vooral de vraag hoe een liedje is gemaakt, hield hem bezig. “Als ik naar muziek luister, denk ik altijd: dit heeft iemand gemaakt. Hoe is dat gedaan? En: zou ik dat ook kunnen?”
Op zijn elfde schreef hij zijn eerste liedjes. Zelf is hij daar achteraf niet al te lyrisch over. Zijn Engels was slecht en zijn stem klonk nog als die van een kind, zegt hij. Maar zijn akkoordenschema’s waren volgens hem al “best goed”. Pas op zijn zestiende schreef hij een liedje waar hij echt tevreden over was. Dat gebeurde in het Nederlands.
Geschiedenis studeren aan de UvA
Naast de muziek gaat De Groot geschiedenis studeren aan de Universiteit van Amsterdam. Dat ziet hij niet los van zijn muzikale ambities. Hij wil beter leren onderzoeken, juist omdat hij over politieke en maatschappelijke onderwerpen wil schrijven. “Als ik een liedje over een bepaald onderwerp schrijf, wil ik weten waar ik het over heb.”
Daarmee positioneert de jonge Amsterdammer zich nadrukkelijk als meer dan een TikTok-muzikant met een beroemde achternaam. Hij wil liedjes maken met inhoud, maatschappelijke lading en politieke frustratie.
Of zijn protestmuziek ook echt verandering teweegbrengt, moet nog blijken. Maar de richting is duidelijk: de kleinzoon van Boudewijn de Groot wil niet alleen zingen over zichzelf, maar over een wereld die hem boos maakt.






















































