Moslimvader probeert dochters levend te verbranden na bekering tot christendom

Twee zussen in het westen van Oeganda zijn midden in de nacht uit hun brandende huis ontsnapt door stenen uit een muur te breken. Volgens International Christian Concern (ICC) was hun eigen moslimvader degene die de woning in brand stak. Aanleiding zou de bekering van de vrouwen van de islam naar het christendom zijn geweest, meldt de nieuwswebsite Persecution.
Amina en Shamila wonen in Kibenge, in het district Kasese. Volgens ICC besloten zij op 26 augustus de islam te verlaten en christen te worden. Hun vader Muhamud zou daarna hebben gezegd dat hij tegen hen zou optreden omdat zij hun geloof hadden verlaten.
Ruim een week later, rond middernacht op 6 september, ging het mis. ICC schrijft dat Muhamud benzine over de woning goot en vervolgens brand stichtte terwijl zijn dochters binnen lagen te slapen. Onafhankelijke bevestiging door de Oegandese politie of andere lokale autoriteiten heeft NieuwRechts niet kunnen vinden.
Ingesloten door de vlammen
De zussen werden wakker door een brandstoflucht. Toen zij om zich heen keken, stond de woning al in brand. „We zagen hoe de vlammen ons huis stilletjes verteerden”, vertelt Amina volgens ICC. „Toen gingen we op zoek naar een plan B om aan de dood te ontsnappen.” Via de gebruikelijke uitgang konden de vrouwen niet veilig wegkomen. Ze begonnen daarom stenen uit een muur te halen.
Shamila beschrijft het moment waarop ze beseften dat ze snel moesten handelen: „We zagen de vlammen uit het huis komen en wisten dat ons leven in gevaar was. We haalden de stenen weg en ontsnapten door het gat. Godzijdank gaf Hij ons een manier om er levend uit te komen.”
De twee kwamen levend buiten. Daarna zouden christelijke buurtbewoners te hulp zijn geschoten en plaatselijke leiders hebben gewaarschuwd. Hun woning en een groot deel van hun bezittingen gingen volgens ICC verloren. Onder meer kleding, matrassen en persoonlijke spullen werden door het vuur verwoest.
'Ons geloof niet verteerd'
Amina zegt dat de aanval hun geloof juist heeft versterkt. „We zijn blij dat we kunnen zeggen dat het vuur ons onderdak heeft verteerd, maar niet ons geloof en onze hoop op Jezus Christus.”
Een lokale bestuurder, die tegenover ICC anoniem bleef, veroordeelde de aanval. „Wij zijn tegen deze moorddadige daden onder het mom van een religieuze strijd. Het is berucht en onaanvaardbaar”, zei hij. Lokale christelijke leiders hebben opgeroepen de vader te vervolgen. Over een arrestatie of strafrechtelijk onderzoek meldt ICC niets.
De zaak staat op gespannen voet met de Oegandese grondwet. Oeganda kent geen staatsgodsdienst. Artikel 29 beschermt de vrijheid van gedachte, geweten en geloof en geeft inwoners het recht een godsdienst te belijden en aan religieuze organisaties deel te nemen. Ook discriminatie op grond van religie is grondwettelijk verboden.





















































