CBS: huurwet van De Jonge jaagt beleggers weg uit woningtransformatie

Het moest een snelle manier worden om de woningnood te bestrijden: lege kantoren en winkels ombouwen tot woningen. Vier jaar later is er weinig van terechtgekomen. Vorig jaar kwamen er volgens het CBS maar 6.400 woningen bij door de verbouwing van bestaande panden. Dat is 19 procent minder dan een jaar eerder, en minder dan de helft van wat het kabinet beloofde. Volgens het CBS heeft dat mogelijk te maken met de Wet betaalbare huur.
In 2022 kondigde toenmalig woonminister Hugo de Jonge een Nationaal Transformatieplan aan. Tot dan toe ontstonden er elk jaar zo’n 10.000 woningen uit verbouwde panden. De Jonge wilde dat opvoeren naar 15.000 per jaar.
Het tegenovergestelde gebeurde. Het aantal woningtransformaties daalt nu al drie jaar op rij, en een kentering is niet in zicht. In de eerste helft van dit jaar kwamen er volgens het CBS maar 3.000 woningen bij door transformatie. Van alle nieuwe woningen in 2025 kwam 7 procent uit een verbouwd pand, tegen 9 procent het jaar ervoor.
Vooral kantoren worden minder vaak omgebouwd. In 2025 ontstonden er 1.700 woningen in voormalige kantoorpanden, ruim duizend minder dan in 2024. Alleen in oude winkelpanden nam het aantal woningen toe.
De opvallendste daling zit bij de particuliere huursector. In 2025 ontstonden er 3.700 private huurwoningen uit transformatie, tegen 5.700 een jaar eerder, een daling van 36 procent.
Het CBS legt zelf een verband met de Wet betaalbare huur, het paradepaardje van De Jonge die in juli 2024 inging en maximumhuren oplegt in het middensegment. “Vanwege deze wet wordt private verhuur financieel onaantrekkelijker voor verhuurders”, schrijven de onderzoekers. Woningcorporaties bouwen juist meer. Het aantal corporatiewoningen uit transformatie steeg van 635 naar 1.010. Maar dat is lang niet genoeg om het verlies bij particuliere beleggers op te vangen.



















































