Asielminister stelt opnieuw 11 gemeenten onder toezicht: totaal stijgt naar 74

Asielminister Bart van den Brink (CDA) heeft opnieuw elf gemeenten onder verscherpt toezicht geplaatst omdat zij onvoldoende asielzoekers opvangen. Daarmee staan inmiddels 74 Nederlandse gemeenten op de lijst, tegenover 63 eerder. Als zij niet alsnog aan de Spreidingswet voldoen, kan het Rijk uiteindelijk zelf opvang regelen, buiten de gemeentebesturen om. De kosten van die ingreep komen dan voor rekening van de gemeenten.
De maatregel van maandag 2 november betekent niet dat er direct een asielzoekerscentrum wordt geopend. Gemeentebesturen moeten eerst op het ministerie uitleggen waarom zij onvoldoende opvangplekken beschikbaar stellen. Ook moeten zij duidelijk maken hoe en wanneer zij alsnog aan hun wettelijke verplichtingen gaan voldoen.
Elf nieuwe gemeenten onder toezicht
De nieuwe gemeenten liggen verspreid over vijf provincies. In Noord-Brabant gaat het om Bergeijk en Best, in Friesland om Dantumadiel en Noardeast-Fryslân. Gelderland telt drie nieuwe gemeenten: Elburg, Neder-Betuwe en West Betuwe. Verder gaat het om Castricum in Noord-Holland en Gennep, Mook en Middelaar en Roerdalen in Limburg.
Eerder kwamen gemeenten als Westland, Houten, Staphorst en Culemborg al onder toezicht. Met de nieuwe aanwijzingen groeit het aantal gemeenten dat zich bij de minister moet verantwoorden opnieuw.
Den Haag kan gemeenten passeren
De Spreidingswet verplicht iedere gemeente om een vastgesteld aantal asielzoekers op te vangen. Gemeenten die onvoldoende plekken regelen, krijgen eerst te maken met gesprekken en strengere controle. Blijft voldoende opvang daarna uit, dan kan de landelijke overheid de verantwoordelijkheid overnemen. Deze maatregel heet een indeplaatsstelling.
Bij zo'n ingreep kan Den Haag buiten de gemeente om bepalen hoe de opvang wordt geregeld. De gemeente moet daarvoor zelf betalen. Sinds de invoering van de Spreidingswet in 2024 is deze zwaarste maatregel nog niet toegepast.
Van den Brink benadrukte eerder dat gemeenten aan hun verplichtingen moeten voldoen. 'De spreidingswet is van kracht en voeren we uit. Daar hoort ook bij dat gemeenten die niet voldoen aan de wettelijke taak hierop worden aangesproken', verklaarde hij.
Vooral Brabant heeft groot tekort
In Noord-Brabant is het tekort aan opvangplekken bijzonder groot. De gemeenten moeten samen ruim 13.000 plekken beschikbaar hebben vanaf 1 juli 2027 tot eind 2028. Begin september waren er iets meer dan 6.000 gerealiseerd. Het aantal moet dus nog ruim verdubbelen.
Veel Brabantse gemeenten stellen strenge voorwaarden aan nieuwe opvanglocaties. Zij geven bijvoorbeeld de voorkeur aan kleinere of tijdelijke voorzieningen. De Spreidingswet vraagt echter om plekken die langere tijd beschikbaar blijven. Daardoor dreigen meer gemeenten niet tijdig aan hun wettelijke opdracht te voldoen.



















































