D66-minister houdt ON!-dossier gesloten tot na besluit over intrekking erkenning

Minister Rianne Letschert (D66) van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap geeft de Tweede Kamer voorlopig geen aanvullende stukken over haar voornemen om Ongehoord Nederland (ON!) uit het publieke omroepbestel te verwijderen. Ook vragen over de onafhankelijkheid van toezichthouders, mogelijke dubbele standaarden en de gevolgen voor kijkers beantwoordt zij grotendeels niet inhoudelijk. Dat blijkt uit haar antwoorden op 55 Kamervragen van FVD-Kamerlid Pepijn van Houwelingen, die maandag 2 november naar de Kamer zijn gestuurd. Pas nadat Letschert zelf een definitief besluit heeft genomen, wil zij de Kamer verder informeren.
Van Houwelingen stelde zijn vragen op 17 september, kort nadat de minister de procedure tegen ON! was begonnen. Hij wilde onder meer weten waarom andere omroepen bij ernstige misstanden anders zouden zijn behandeld en of Letscherts persoonlijke afkeer van een omstreden uitzending invloed heeft gehad op haar besluitvorming.
In de nu gepubliceerde antwoorden verwijst Letschert bij veel van die vragen terug naar één eerdere uitleg. Zij vindt het niet gepast om tijdens de lopende procedure met Kamerleden over de onderliggende feiten te discussiëren. Volgens haar moet ON! eerst de gelegenheid krijgen zich te verdedigen.
De bijbehorende beslisnota van 30 oktober maakt duidelijk dat dit een bewuste keuze is. Ambtenaren schrijven dat de beantwoording „niet inhoudelijk” ingaat op de procedure en evenmin op de afwegingen van onafhankelijke toezichthouders. De minister zegt toe de Kamer na haar definitieve besluit te informeren. „Tot die tijd verstrekt u geen aanvullende documenten”, staat in de nota.
Uitzending over Hitler speelde volgens minister geen rol
Een belangrijk deel van de vragen gaat over een ON!-uitzending waarin uitspraken van Adolf Hitler werden besproken. Letschert had zich daar eerder publiekelijk scherp over uitgelaten. Van Houwelingen wilde weten of haar oordeel over die uitzending had meegespeeld bij het voornemen om de erkenning van de omroep in te trekken.
De minister ontkent dat. „De (on)wenselijkheid van de inhoud van deze uitzending heb ik niet meegewogen in mijn voornemen”, schrijft zij.
Volgens Letschert berust haar besluit op drie gronden: een negatief oordeel van het Commissariaat voor de Media over de bedrijfsvoering, het verzoek van de NPO om de erkenning in te trekken wegens ernstige samenwerkingsproblemen en twee eerdere sancties van het Commissariaat.
Toch speelt de journalistieke inhoud in het bredere conflict wel een rol. De NPO stelt dat ON! herhaaldelijk de journalistieke code heeft geschonden en dat daardoor het vertrouwen tussen de omroepen is verdwenen. Volgens de NPO mogen afzonderlijke uitzendingen niet rechtstreeks de grondslag vormen voor intrekking, maar kunnen terugkerende overtredingen van de code wel gevolgen hebben voor de samenwerking.
Van Houwelingen vroeg ook naar de voorzitter van het Commissariaat voor de Media, die zich in Nieuwsuur persoonlijk kritisch had uitgelaten over de betreffende uitzending. Letschert antwoordt dat diens „particuliere opvattingen” voor haar geen rol spelen. Op vervolgvragen over de mogelijke schijn van vooringenomenheid geeft zij geen afzonderlijke inhoudelijke toelichting.
Vragen over BNNVARA en dubbele standaarden
Het FVD-Kamerlid confronteerde de minister daarnaast met misstanden bij andere publieke omroepen. Hij wees onder meer op een uitzending van het BNNVARA-programma Zembla waarin berichten op X, destijds Twitter, waren bewerkt.
Letschert bevestigt dat BNNVARA de betreffende online-uitzending vanwege die bewerkingen heeft verwijderd. Ook bevestigt zij dat de omroep publiekelijk en persoonlijk excuses heeft aangeboden aan de betrokken gebruikers.
Maar wanneer Van Houwelingen vraagt waarom ON! wel bestuurlijke sancties kreeg en of BNNVARA voor vergelijkbare overtredingen is beboet, verwijst Letschert naar het Commissariaat voor de Media. Volgens haar is het aan deze onafhankelijke toezichthouder om te beoordelen of wettelijke regels zijn geschonden.
Ook de misstanden rond De Wereld Draait Door komen aan bod. De minister erkent dat de commissie-Van Rijn concludeerde dat BNNVARA niet goed was omgegaan met meldingen over grensoverschrijdend gedrag. Volgens Letschert heeft het Commissariaat naar aanleiding van het rapport verschillende toezichtactiviteiten uitgevoerd bij publieke omroepen.
Van Houwelingen suggereert dat ON! strenger wordt behandeld dan andere omroepen. Letschert verwerpt die beschuldiging. „Ik herken me niet in het beeld dat met twee maten wordt gemeten en deel uw conclusie niet”, schrijft zij.
Geen openheid over afweging en alternatieven
Ook op andere punten blijven de antwoorden beperkt. Zo vraagt Van Houwelingen welke verbeteringen ON! inmiddels heeft doorgevoerd, waarom minder zware maatregelen niet zouden volstaan en hoe de minister de gevolgen voor medewerkers, leden en kijkers heeft afgewogen.
Letschert verwijst opnieuw naar haar eerdere uitleg over de zorgvuldigheid van de procedure. De volledige afweging of intrekking noodzakelijk en evenredig is, verstrekt zij nu niet. Ook een gevraagd overzicht van contacten tussen haar ministerie, de NPO en het Commissariaat in de aanloop naar het besluit blijft uit.
Bij vragen over de sanctiebesluiten van september 2025 verwijst de minister naar haar aankondiging van 8 september. Daarin staat dat ON! onder meer een boete kreeg wegens belangenverstrengeling en het niet naleven van het redactiestatuut, en een last onder dwangsom vanwege tekortkomingen in de financiële administratie.
Of deze sancties al definitief vaststaan en hoe mogelijke rechterlijke procedures zijn meegewogen, wordt in de nieuwe antwoorden niet afzonderlijk toegelicht. Wel zegt Letschert dat zij elk verzoek tot intrekking beoordeelt aan de hand van dezelfde wettelijke criteria.
ON! vreest eind november van de buis te verdwijnen
De antwoorden verschijnen op een gevoelig moment. ON! krijgt op 11 november de gelegenheid zijn bezwaren tegen het voorgenomen besluit mondeling toe te lichten. Daarna kan Letschert een definitieve beslissing nemen.
De voorlopige erkenning van de omroep loopt normaal gesproken tot eind 2028. Als de minister haar voornemen doorzet, kan die erkenning dus ruim twee jaar eerder eindigen.
ON!-bestuurder Peter Vlemmix waarschuwde eerder dat de gevolgen vrijwel direct merkbaar kunnen zijn. „Als ze dat doet, dan mogen we de dag daarna geen uitzendingen meer maken”, zei hij in een podcast. „Dan ga je gewoon op zwart.”
De omroep bereidt daarom juridische stappen voor. Een bezwaar schort een besluit niet automatisch op, maar ON! kan de rechter wel vragen om een voorlopige voorziening. Daarmee zou de uitvoering tijdelijk kunnen worden tegengehouden.
Een eerdere poging om ON! uit het publieke bestel te verwijderen mislukte in 2023. Toenmalig staatssecretaris Gunay Uslu vond destijds dat onvoldoende was aangetoond dat de samenwerkingsproblemen ernstig genoeg waren om de erkenning in te trekken. Letschert beroept zich nu op nieuwe bevindingen en sancties.
De minister benadrukt dat zij de procedure met een open blik wil afronden en dat ON! alle gelegenheid krijgt om tegenargumenten aan te dragen. De Tweede Kamer krijgt voorlopig echter geen aanvullende inzage in de afwegingen die aan het mogelijke vertrek van de omroep ten grondslag liggen. Die informatie volgt volgens Letschert pas nadat zij haar definitieve besluit heeft genomen.




















































