Andy Burnham volgt Starmer op: hoe links is de nieuwe Britse premier?

Andy Burnham treedt vandaag aan als premier van het Verenigd Koninkrijk. Hij volgt Keir Starmer op en werd zonder tegenkandidaat gekozen tot leider van de linkse regeringspartij Labour. Burnham presenteert zich als de stem van arbeiders, vergeten regio’s en het industriële noorden. Achter dat volkse imago staat echter een duidelijk links economisch en cultureel programma, met meer staatsmacht, publieke controle en diversiteitsbeleid.
De voormalige burgemeester van Greater Manchester noemt zichzelf socialist, maar geldt niet als een radicale vertegenwoordiger van de nog linksere Corbyn-vleugel. Zijn koers wordt eerder omschreven als pragmatisch of 'bedrijfsvriendelijk socialisme'. Hij wil samenwerken met ondernemers, maar vindt dat de markt te veel macht heeft gekregen. Tegelijk belooft hij zich voorlopig aan de bestaande begrotingsregels van Labour te houden. Critici stellen echter dat zijn socialisme veel schade kan berokkenen aan de Britse economie.
Meer overheid bij basisvoorzieningen
Burnham wil meer publieke controle over water, energie, vervoer en huisvesting. Volgens hem hebben de privatiseringen sinds de jaren tachtig de overheid machteloos gemaakt tegenover stijgende kosten. Hij zei na zijn verkiezing tot partijleider: ‘Als we niet genoeg publieke controle hebben over de kosten van basisvoorzieningen, hoe kunnen we dan de inflatie, de overheidsuitgaven en de rest van de economie beheersen?’
Ook wil Burnham het grootste Britse bouwprogramma voor sociale huurwoningen sinds de naoorlogse periode beginnen. Regio’s moeten daarnaast meer zeggenschap krijgen over woningbouw, transport, onderwijs en economische ontwikkeling. In Manchester wil hij een tweede regeringscentrum openen onder de naam ‘Number 10 North’. Voor rechtse critici betekent deze aanpak vooral een uitbreiding van de staat en meer politieke bemoeienis met de economie.
Progressieve sociale koers
Op sociale onderwerpen staat Burnham duidelijk aan de progressieve kant. Als burgemeester liet hij een adviespanel oprichten dat ongelijkheid onder lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender inwoners moest bestrijden. Het panel kreeg de taak om het beleid van Greater Manchester te beïnvloeden.
Burnham wil daarnaast meer druk uitoefenen op Israël. Tegelijk blijft hij de Oekraïense strijd tegen Rusland steunen en wil hij nauwer samenwerken met Europese landen op het gebied van veiligheid en defensie. Zijn buitenlandse beleid lijkt daarmee links-progressieve mensenrechtenpolitiek te combineren met een traditionele Labour-koers op defensie.
Toch is Burnham niet op ieder onderwerp uiterst links. Hij noemt Brexit schadelijk, maar wil het Britse EU-lidmaatschap niet herstellen. ‘Ik stel niet voor dat het Verenigd Koninkrijk overweegt opnieuw toe te treden tot de EU. Ik respecteer de beslissing die in het referendum is genomen’, zei hij in mei.





















































