Techgiganten willen snelle terugkeer van EU-chatcontrole

Grote Amerikaanse techbedrijven voeren de druk op in Brussel. Google, Meta, Microsoft en Snap willen dat de Europese Unie snel opnieuw toestemming geeft voor het scannen van chatberichten. De tijdelijke regeling die dat mogelijk maakte, is inmiddels verlopen.
De inzet is groot. Het gaat om de balans tussen privacy en de bestrijding van online misbruik. Europese politici zijn daar diep over verdeeld.
Parlement zet streep door verlenging
De tijdelijke regeling, bekend als ‘chatcontrole 1.0’, liep begin april af. Het Europees Parlement besloot de uitzondering niet te verlengen. Daarmee verdwijnt een juridische basis die sinds 2021 bestond naast de privacyregels.
De stemming in Straatsburg was duidelijk. 311 Europarlementariërs stemden tegen verlenging, 228 waren voor en 92 onthielden zich. Daarmee werd het voorstel van de Europese Commissie afgewezen.
Ook buiten de politiek klonk kritiek. Meer dan dertig Europese organisaties waarschuwden in een open brief voor de gevolgen van chatcontrole. Zij spraken van “het massaal afluisteren van onze privéberichten”.
De regeling gaf techbedrijven de ruimte om berichten vrijwillig te scannen op misbruikmateriaal. Dat ging om chatapps, e-mail en sociale media. Zonder verlenging mogen bedrijven daar niet langer op dezelfde manier op steunen binnen de EU.
Eerdere poging tot compromis mislukt
Opvallend is dat het Parlement eerder nog probeerde een beperktere verlenging mogelijk te maken. Die zou korter duren en strenger worden ingericht. Zo zou versleutelde communicatie buiten schot blijven en zouden alleen bekende beelden worden gecontroleerd.
Maar onderhandelingen met de lidstaten liepen vast. Daardoor bleef uiteindelijk alleen volledige afwijzing over. Het conflict draait vooral om privacy, versleuteling en de vraag hoe ver controle mag gaan.
Techbedrijven willen snelle terugkeer
De Amerikaanse techbedrijven reageren fel op het besluit. Zij noemen het uitblijven van een akkoord onverantwoord en roepen Europese beleidsmakers op om snel alsnog tot een regeling te komen.
Volgens de bedrijven is controle nodig om kinderen te beschermen. In de tussentijd zeggen zij door te gaan met ‘vrijwillige actie’ op hun platforms. Hoe dat er precies uitziet, maken ze niet bekend. Wel verwijzen ze naar het gebruik van hashes om afbeeldingen te herkennen.
Kritiek op ‘angstcampagne’
Niet iedereen gelooft dat veiligheid de enige reden is voor de druk vanuit de techsector. Voormalig Europarlementariër Patrick Breyer spreekt van een bewuste strategie. Hij schrijft op zijn blog: “De Amerikaanse techindustrie en door het buitenland gefinancierde lobbygroepen hebben tot het eind geprobeerd om angst in Europa te zaaien.” Volgens hem proberen bedrijven hun toegang tot data en hun verdienmodel veilig te stellen.
Breyer wijst ook op de beperkingen van de technologie. “Het overweldigen van onze politie met false positives als gevolg van massasurveillance zal geen enkel kind redden”, stelt hij.
Zorgen over massasurveillance
Volgens deze organisaties is de effectiviteit beperkt. Slechts een zeer klein deel van het gescande materiaal blijkt daadwerkelijk illegaal. Tegelijk ligt het foutpercentage hoog. Daardoor worden veel onschuldige berichten onterecht aangemerkt als verdacht.
Daarnaast is er zorg over wat er met de data gebeurt. In sommige gevallen worden verdachte berichten doorgestuurd naar een Amerikaans meldpunt, dat banden heeft met de overheid.

















































