VS wil leeftijdsverificatie invoeren op smartphones, laptops en meer

Een nieuw wetsvoorstel in de Verenigde Staten zorgt voor groeiende zorgen over privacy en digitale vrijheid. Het voorstel verplicht technologiebedrijven om de leeftijd van iedere gebruiker te verifiëren bij het instellen van een apparaat. Officieel is het doel om kinderen beter te beschermen online. Maar critici waarschuwen dat het plan veel verder gaat en de basis kan leggen voor grootschalige controle op internetgebruik, meldt Reclaim The Net.
Het gaat om de zogeheten Parents Decide Act (H.R. 8250). Die wet zou fabrikanten van besturingssystemen, zoals Apple, Google en Microsoft, verplichten om bij het eerste gebruik van een apparaat de geboortedatum van elke gebruiker op te vragen en te controleren. Dat geldt niet alleen voor smartphones, maar ook voor laptops, televisies, spelcomputers en zelfs infotainmentsystemen in auto’s.
Leeftijdscontrole wordt standaard
De voorgestelde regels laten weinig ruimte voor uitzonderingen. Er is geen mogelijkheid om de controle over te slaan. Ook wordt er geen onderscheid gemaakt tussen volwassenen en kinderen. Elk apparaat moet de leeftijd van de gebruiker vastleggen.
Vervolgens kunnen apps via een speciale koppeling een zogenoemd “leeftijdssignaal” ontvangen. Op basis daarvan kunnen zij bepalen welke content wel of niet zichtbaar is. De Amerikaanse toezichthouder FTC krijgt de taak om binnen 180 dagen de details van dit systeem uit te werken.
Voorstanders zien hierin een manier om schadelijke inhoud beter af te schermen voor minderjarigen. Maar tegenstanders vrezen dat hiermee een brede infrastructuur ontstaat waarin gebruikers structureel geïdentificeerd worden.
Zorgen over anonimiteit en privacy
De kern van de kritiek draait om anonimiteit. Door verplichte leeftijdsverificatie wordt het moeilijker om internet te gebruiken zonder persoonlijke gegevens te delen. Critici spreken van een fundamentele verandering in hoe het internet werkt.
Zij wijzen erop dat gebruikers straks verplicht zijn zich te identificeren bij grote technologiebedrijven. Daarmee krijgen bedrijven als Apple en Google een centrale rol in het controleren van toegang tot digitale diensten. Kleinere aanbieders en open-sourceplatforms zouden hierdoor op achterstand komen.
Daarnaast is nog onduidelijk hoe de gegevens precies worden opgeslagen en beschermd. Er zijn zorgen over mogelijke datalekken, misbruik van informatie en het ontbreken van duidelijke regels over bewaartermijnen.
Breder systeem van controle
Volgens tegenstanders gaat het voorstel verder dan alleen kinderbescherming. Zij zien het als onderdeel van een bredere ontwikkeling waarin overheden en technologiebedrijven meer grip krijgen op digitale communicatie.
Omdat het systeem op het niveau van het besturingssysteem werkt, kan het in theorie alle apps en diensten beïnvloeden. Dat betekent dat content niet alleen door platforms zelf wordt gefilterd, maar ook via de software van het apparaat.
Daardoor ontstaat een nieuwe laag van controle. Wat gebruikers zien, lezen of delen, kan afhankelijk worden van vooraf vastgestelde criteria.
Europese ontwikkelingen volgen vergelijkbare lijn
Hoewel het wetsvoorstel uit de Verenigde Staten komt, kijken Europese beleidsmakers nauwlettend mee. Ook in de Europese Unie wordt gewerkt aan strengere regels voor online platforms.
De Digital Services Act (DSA), die sinds 2024 van kracht is, verplicht grote platforms al om maatregelen te nemen om minderjarigen te beschermen. Daaronder vallen ook vormen van leeftijdscontrole.
Daarnaast werkt de Europese Commissie aan een digitale identiteitsoplossing, waarbij gebruikers zich online kunnen identificeren. Er zijn plannen voor een leeftijdsverificatie-app die gekoppeld wordt aan een Europese digitale identiteit.
Volgens de Europese Commissie is het doel om privacy te waarborgen en gegevensgebruik te beperken. Toch zien critici parallellen met de Amerikaanse plannen. Zij vrezen dat vrijwillige systemen op termijn verplicht kunnen worden.





















































