Kabinet maakt opnieuw miljoenen vrij voor Gaza: 19 miljoen euro extra naar VN

Het kabinet maakt dit jaar nog eens 19 miljoen euro extra vrij voor internationale voedselhulp. Een aanzienlijk deel van dat bedrag gaat naar de Gazastrook. Dat schrijft D66-minister Sjoerd Sjoerdsma van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking in een brief aan de Tweede Kamer. Met de nieuwe bijdrage stijgt de Nederlandse steun aan het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de Verenigde Naties tot 76 miljoen euro in 2026.
Nederland bepaalt overigens niet zelf waar het extra geld precies terechtkomt. Het Wereldvoedselprogramma mag de middelen zelfstandig verdelen over gebieden waar naar eigen zeggen de nood het hoogst is. Gaza krijgt daarbij veel aandacht vanwege de humanitaire omstandigheden. Volgens Sjoerdsma komt een groot deel van de financiering daar terecht, 'omdat Gaza op basis van deze prioritering tot de gebieden met de grootste humanitaire noden behoort'.
Nederland verhoogt financiële steun aan VN
Met het besluit verhoogt het kabinet opnieuw de Nederlandse uitgaven aan internationale hulpverlening. De extra 19 miljoen euro komt boven op de 57 miljoen euro die Nederland dit jaar al voor het Wereldvoedselprogramma had gereserveerd.
De minister wil met de aanvullende bijdrage vooral de voedselhulp in Gaza ondersteunen. Tegelijkertijd blijft hij andere landen oproepen om eveneens geld beschikbaar te stellen. Volgens Sjoerdsma is internationale samenwerking noodzakelijk om de humanitaire nood te verlichten. Nederland wil daarom dat ook andere regeringen hun financiële steun aan het Wereldvoedselprogramma voortzetten.
Minister bekritiseert Israël om blokkades
Naast de nieuwe miljoenenbijdrage uit Sjoerdsma stevige kritiek op Israël. Volgens de D66-bewindsman belemmert het Israëlische beleid de toegang van humanitaire goederen tot Gaza. Veel hulpmiddelen bereiken hun bestemming daardoor niet volgens Sjoerdsma.
Die beperkingen brengen volgens de minister extra kosten met zich mee. Goederen die niet direct kunnen worden doorgelaten, moeten langer worden opgeslagen. Daardoor lopen de opslagkosten op en wordt de hulpverlening duurder. Het beschikbaar stellen van meer geld lost deze praktische problemen volgens de minister niet vanzelf op.
Israël verdedigt de beperkingen op hulpgoederen met een beroep op de nationale veiligheid. Volgens de Israëlische krijgsmacht bestaat het risico dat Hamas humanitaire hulp onderschept, doorverkoopt of gebruikt voor eigen militaire doeleinden. Daarom controleert Israël goederen en hulporganisaties voordat zij Gaza binnenkomen.
Ook materialen die voor zowel burgerlijke als militaire doeleinden kunnen worden gebruikt, vallen onder streng toezicht. Israël benadrukt dat deze maatregelen nodig zijn om te voorkomen dat hulp uiteindelijk terroristische organisaties versterkt, in plaats van de Palestijnse bevolking te bereiken. Volgens de Israëlische autoriteiten worden hulptransporten bovendien nog altijd toegelaten en gecoördineerd. De Nederlandse regering vindt echter dat de Israëlische beperkingen de humanitaire hulpverlening ernstig belemmeren.
Het kabinet blijft Israël daarom aanspreken op de beperkingen voor humanitaire hulp. Die diplomatieke inspanningen hebben tot dusver 'onvoldoende resultaat opgeleverd', erkent Sjoerdsma in zijn Kamerbrief. Ondanks die problemen kiest het kabinet ervoor de financiële bijdrage aan het VN-programma verder te verhogen.




















































