Stop met zelfredzaamheid: begin met samenredzaamheid

Pas geleden kreeg heel Nederland een folder over maatschappelijke weerbaarheid. Wat te doen bij een ramp. De boodschap was helder: zorg dat u drie dagen voor uzelf kunt zorgen. Een noodpakket, een radio op batterijen, blikvoer in de kast. Het klinkt verstandig, maar het is vooral een miskenning van hoe een stad als Amsterdam werkt.
Amsterdam heeft zo’n 400.000 huishoudens. Wat hebben we hier aan 400.000 analoge radiootjes? Denken we echt dat Amsterdam weerbaar wordt doordat iedereen zich afzonderlijk terugtrekt achter de eigen voordeur? Dat is schijnveiligheid. In een stad ben je nooit alleen. En juist bij een crisis blijkt hoe afhankelijk we van elkaar zijn.
Daarom moeten we stoppen met praten over zelfredzaamheid en beginnen met samenredzaamheid. Niet het individu als uitgangspunt, maar de straat, de buurt, de gemeenschap. We zouden moeten weten: waar zit de huisarts in deze straat? Wie heeft een EHBO-diploma? Bij welk adres kunnen mensen terecht voor extra eten? Hoe richten we de bevoorrading van de stad in wanneer geen verkeerslicht werkt? Welke woning of winkel kan dienen als distributiepunt als de stroom uitvalt? Dat is echte weerbaarheid.
Als we dat serieus menen, moeten we ook durven oefenen. Niet met een papieren draaiboek, maar in het echt. Daarom zou ik graag eens per drie jaar een grootschalige rampenoefening organiseren. Zeg tegen de Jumbo en de Albert Heijn: sluit de winkels een paar dagen. Denk na over voedselverdeling zonder pin, zonder stroom, zonder apps. Haal – al is het gecontroleerd – een deel van de stad tijdelijk van het elektriciteitsnet. Ik ben dus voorstander van grootschalige stedelijke rampenoefeningen.
We weten namelijk één ding zeker: grote crises kondigen zich niet netjes aan. Corona overviel ons. Een recente stroomstoring zette in Amsterdam ineens 50.000 huishoudens zonder elektriciteit. Een verschrikkelijke gasexplosie in Utrecht liet zien hoe plotseling een ramp een wijk kan ontwrichten. Het volgende scenario dient zich ook onverwacht aan.
Juist daarom moeten we oefenen. Niet alleen om logistiek beter voorbereid te zijn, maar vooral om iets veel belangrijkers te bereiken: dat mensen hun buren kennen. Dat ze weten bij wie ze terechtkunnen. Dat vertrouwen en verantwoordelijkheid weer lokaal landen.
Echte weerbaarheid zit niet in een noodpakket onder de trap. Echte weerbaarheid zit in de gemeenschap. Zelfredzaamheid bestaat niet. Samenredzaamheid wel. En als we het menen met veiligheid, fatsoen en veerkracht, dan is dát waar we vandaag mee moeten beginnen.















































