Ruzie tussen Macron en Meloni laait op na Antifa-moord in Lyon

De dood van de jonge activist Quentin Deranque in Lyon heeft niet alleen Frankrijk geschokt, maar ook geleid tot een openlijke woordenwisseling tussen Parijs en Rome. President Emmanuel Macron verweet de Italiaanse premier Giorgia Meloni zich te mengen in Franse binnenlandse aangelegenheden, nadat zij publiekelijk had gereageerd op het geweld rond de dood van de student. In Italië werd die Franse reactie met verbazing ontvangen.
De aanleiding was een bericht dat Meloni plaatste op X. Daarin noemde zij de dood van Deranque “een wond voor heel Europa”. Volgens de Italiaanse premier ging het om “de dood van een jongen van nauwelijks begin twintig, aangevallen door groepen die gelinkt zijn aan links extremisme, in een klimaat van ideologische haat dat zich in meerdere landen verspreidt”. Haar boodschap was bedoeld als blijk van solidariteit, maar werd in Parijs anders opgevat.
Macron: ‘Laat ieder bij zijn eigen zaken blijven’
Macron reageerde scherp tijdens een persmoment in India, waar hij een officieel bezoek afrondde. Hij riep Meloni op om “te stoppen met commentaar leveren op wat er bij anderen gebeurt”, meldt RTS. Daarbij voegde hij een politieke sneer toe: hij zei het opvallend te vinden dat “mensen die nationalistisch zijn en niet willen dat anderen zich met hun zaken bemoeien, vaak de eersten zijn om zich uit te spreken over wat er elders gebeurt”. De president sloot af met de opmerking: “Laat iedereen bij zichzelf blijven, dan zijn de schapen goed bewaakt.”
Die woorden zorgden direct voor irritatie in Rome. Een bron binnen het kantoor van de Italiaanse premier sprak van “stupor”, verbazing, over de toon van de Franse president. Volgens de Italiaanse regering ging het nadrukkelijk niet om inmenging, maar om medeleven na een ernstig geweldsincident.
Italië wijst beschuldiging van inmenging af
De Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken Antonio Tajani schaarde zich openlijk achter Meloni. Hij verklaarde dat de dood van Deranque “een ernstig feit is dat ons allemaal aangaat en dat wij zonder aarzeling veroordelen”. Tajani trok daarbij een historische vergelijking met Italië. Hij verwees naar de zogeheten ‘Loden Jaren’, een periode waarin extreemlinkse en extreemrechtse groepen het land teisterden met politiek geweld. “Ook in Italië hebben we veel ‘Quentins’ gekend in de donkerste jaren van de Republiek,” stelde hij. Het veroordelen van het geweld in Lyon moest volgens hem juist helpen voorkomen dat Europa terugglijdt naar zo’n verleden.
Meloni zelf reageerde later op de Franse kritiek in een interview met SkyTG24. Zij zei het “jammer” te vinden dat Macron haar woorden had opgevat als een inmenging. “Ingrijpen om mijn solidariteit met het Franse volk te tonen over een zaak die duidelijk iedereen raakt, is geen interferentie,” aldus de premier. “Het spijt me dat Macron dat niet zo heeft begrepen.”
In haar toelichting ging Meloni verder dan de Franse situatie alleen. Zij zei een klimaat te zien dat haar zorgen baart. “Ik zie het in Italië, ik zie het in Frankrijk, ik zie het in de Verenigde Staten,” verklaarde zij. Volgens haar moeten politieke leiders zich buigen over de vraag hoe een sfeer van ideologische haat kan worden bestreden, omdat die Europa “decennia terug kan werpen”. Italië, zo benadrukte ze, weet uit eigen ervaring hoe snel politiek geweld kan escaleren.
Relatie al langer gespannen
De woordenwisseling past in een breder patroon van moeizame verhoudingen tussen Parijs en Rome. Sinds Macron in 2022 werd herkozen en Meloni aantrad als leider van een rechts-nationalistische coalitie, zijn er vaker spanningen geweest. Die verschillen kwamen ook naar voren op het wereldtoneel. Na de terugkeer van Donald Trump in het Witte Huis koos Meloni voor een pragmatische benadering richting Washington, terwijl Macron juist vasthield aan een strengere, zelfstandige Europese koers.
De dood van Quentin Deranque heeft daarmee niet alleen een nationaal debat in Frankrijk aangewakkerd, maar ook bestaande politieke breuklijnen in Europa zichtbaar gemaakt. Wat begon als een solidariteitsverklaring, groeide uit tot een diplomatiek steekspel dat de fragiele balans tussen nationale gevoeligheden en Europese betrokkenheid opnieuw blootlegt.





















































